beton molen

C’est le beton qui fait la musique (het is de toon die de muziek maakt)

C’est le beton qui fait la musique of hoe bijzonder ongelukkig dingen gezegd en geschreven worden als iemand ernstig letsel oploopt door een ongeval

Vroeger stond er langs de snelweg A7 naar Groningen een bord in de berm van een betonmaker met de tekst: c’est le beton qui fait la musique. Een veel te moeilijke tekst voor langs de weg, maar ik vond hem wel grappig deze woordspeling op c’est le ton qui fait la musique (het is de toon die de muziek maakt). Want hoe belangrijk is het hoe je dingen zegt. Die Groningse betonboer had dat goed begrepen. Maar veel verzekeraars of schaderegelaars nog altijd niet.

Als ik lees en meemaak hoe moeilijk zij het vinden om empathie te tonen na een ongeluk of toe te geven dat er een fout is gemaakt met ingrijpende gevolgen, wil ik soms wel uitschreeuwen: c’est le beton qui fait la musique!

Een voorbeeld uit de praktijk. Begin dit jaar loopt een cliënt ernstig letsel op. Niets is meer hetzelfde, hij kan niet meer werken, zichzelf en zijn kinderen niet meer verzorgen, niet meer autorijden en heeft ontzettend veel pijn. De verzekeraar reageert met “dat de zaak in behandeling is”, “in onderzoek”, “we schakelen iemand in voor een toedrachtsonderzoek”. O, dat schrijven we wel maar het is niet over de toedracht hoor, het is voor onderzoek naar de schade.

Dan zijn we 6 maanden verder en wordt een voorschot aangekondigd, door de verzekeraar, met een FACTUUR. Ja mijn cliënt krijgt een FACTUUR. Waarop staat dat de financiële afhandeling van deze FACTUUR geschiedt door de boekhouding. Er staat ook nog op creditnota. Dat wel. Toch grote paniek bij mijn cliënt, want die heeft na het ongeval al heel veel facturen gekregen en deze factuur is best pittig en kan hij niet ook nog betalen. Een voorschot heeft hij immers nog niet ontvangen na al dat inschakelen en onderzoeken. Deze FACTUUR komt ook pas na 6 maanden, terwijl de schaderegelaar trots vertelde dat ze op dag 2 “in de zaak was betrokken” door deze voortvarende verzekeraar. Zeker te simpel gedacht dan, dat  op dag 2 al een gebaar gemaakt had kunnen worden met een brief of een voorschot betaling. En dat als je een betaling doet je daar geen FACTUUR voor stuurt, maar gewoon een vriendelijke brief waarin je zegt dat je geld gaat overmaken. Want c’est le ton qui fait la musique.

moedeloos, ongeluk

Maandagmorgen

Ik open de post. Ik heb net een zaak in behandeling genomen van een mevrouw die anderhalf jaar geleden een ongeluk heeft gekregen. Zij heeft letselschade. Zij is als fietser aangereden door een automobilist. Dat ligt juridisch niet zo ingewikkeld zou je denken. Maar nee, aansprakelijkheid was nog altijd niet erkend. Ze heeft zelf een claim ingesteld maar zonder succes. Ik neem de zaak in behandeling, meld mij bij de verzekeraar en er wordt direct aangeboden 50 % van de schade te vergoeden. Na een tweede brief van mij gaat dat omhoog naar 75 %.

Dat is nog niet genoeg, maar altijd beter dan niets en geen voorschot.
En wat heeft dat te maken met de post van vandaag? Alles. Het verschil tussen alles of niets.
Want ik ontvang een brief van de fysiotherapeut en die schrijft het volgende: tijdens de laatste behandeling was het einddoel niet behaald. Omdat mevrouw niet in staat was om de behandeling te betalen is zij gestopt met de behandeling. Er is sprake van een matige belastbaarheid. Dat betekent dat deze mevrouw niet goed kan lopen.
Deze mevrouw heeft dus nog veel beperkingen en heeft haar behandelingen die haar vooruit moeten helpen niet kunnen betalen. De aansprakelijkheid werd immers niet erkend. Dat betekent dat de verzekeraar geen voorschotten betaalt en dat deze mevrouw  ook de kosten van haar behandelingen zelf moet betalen.

Ik vraag mij af hoe het met deze mevrouw zou zijn gegaan als de verzekeraar oog had gehad voor haar situatie en de zaak actief had opgepakt. Zou ze dan inmiddels verder zijn hersteld en beter kunnen bewegen?

Soms zeggen verzekeraars dat slachtoffers te weinig doen om hun schade te beperken.  Maar hoe ligt dat hier. Heeft deze verzekeraar de schade actief geregeld en de schade beperkt?

En het is pas maandagmorgen. De werkweek is weer begonnen.

carnaval

Letselschade door omgevallen muur tijdens carnavalsoptocht Curaçao

Op 4 maart 2014 werd in Willemstad, Curaçao de jaarlijkse carnavalsoptocht gehouden. Een vrouw  die naar de optocht keek, raakte ernstig gewond doordat een muur op de stoep langs de route op haar viel. Als gevolg hiervan liep zij een totale dwarslaesie vanaf halverwege haar rug op. De vrouw stelde het Land Curaçao (hierna te noemen Curaçao) aansprakelijk voor haar materiële en immateriële schade. Haar letselschade bestaat  uit een vergoeding van smartengeld, de kosten van een aangepaste auto, het aanpassen van haar woning, het inschakelen van hulp en inkomensschade.

 

De vrouw stelt in de procedure dat Curaçao aansprakelijk is voor de gevolgen van dit ongeval omdat het  Land tekort is geschoten in de nakoming van de op hem rustende zorgplicht.

 

Inspectierapport

Van de gebouwen die langs de route van de carnavalsoptocht stonden, was voor de optocht een inspectierapport opgemaakt. Hierin stond dat de muur in zeer slechte staat was en dat er een gevaar bestond dat de muur elk moment kon omvallen. Geadviseerd werd om de muur grondig te inspecteren en waar nodig te repareren.

 

Opstalaansprakelijkheid

De bezitter van een gebrekkige opstal, in dit geval de muur, kan op grond van art. 6:174 BW aansprakelijk worden gesteld.  Echter, niet Curaçao, maar een derde was de bezitter van de muur. Daarom kan Curaçao niet aansprakelijk worden gesteld op grond van opstalaansprakelijkheid voor de letselschade van het slachtoffer.

 

Schending zorgplicht

De vrouw verweet Curaçao dat zij haar zorgplicht  ten aanzien van de veiligheid van weggebruikers en gebruikers van de stoep had geschonden. Het risico van het omvallen van de muur was kenbaar aan Curaçao. Bij een dergelijk reëel , onmiddellijk en voorzienbaar risico heeft het Land  de plicht om actief op te treden ter bescherming van weggebruikers.

 

De Rechtbank neemt aansprakelijkheid aan op gronden die overeenkomen met de aansprakeljkheid van toezichthouders. Bij toetsing daaraan spelen de Kelderluikfactoren een rol. Hierbij kunnen ook de ligging, functie, fysieke toestand en het te verwachten gebruik van de muur een rol spelen.

 

Het Gerecht is van oordeel dat Curaçao moet hebben geweten dat de muur gebrekkig was. Dit stond immers duidelijk vermeld in het inspectierapport. De gebrekkige muur grensde direct aan de stoep langs de carnavalsroute en het is algemeen bekend dat het publiek hier dichtbij zal staan, zitten en dansen. De muur vormde zo een risico voor het publiek, omdat bekend was dat deze om kon vallen en er een grote kans bestaat dat deze op het publiek terecht komt. Er bestaat daarmee een grote kans op ongevallen en letselschade. Curaçao had de carnavalsroute kunnen aanpassen of de stoep moeten afzetten om het feestende publiek tegen de gebrekkige muur te beschermen. Curaçao heeft het inspectierapport naar de politie gestuurd, maar dat is niet voldoende.

 

Schadevergoeding letselschade

De rechtbank vindt dat Curaçao haar zorgplicht heef geschonden en onrechtmatig heeft gehandeld. Curaçao dient aan het slachtoffer een schadevergoeding te betalen voor haar materiële en immateriële schade.

 

Indien u letselschade heeft opgelopen na een ongeval en u weet niet wie u daarvoor aansprakelijk kunt stellen of op grond van welke aansprakelijkheidsgronden, neemt u dan contact met ons op.

 

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 2 november 2016, ECLI:NL:OGEAC:2016:127

 

 

 

 

 

Ongelukkige valpartij in escape room

Een gezellig bedrijfsuitje in een escape room. Je wordt samen met je collega’s opgesloten in een ruimte, waaruit je binnen een bepaalde tijd moet ontsnappen. Je lost samen puzzels of raadsels op en als dat lukt, ga je door naar de volgende kamer. Door licht- en geluidseffecten in de kamers  wordt een angstige en sprookjesachtige sfeer gecreëerd. Dat klinkt spannend, maar wat nu als je in zo’n kamer lelijk ten val komt? Is de eigenaar van de escape room dan aansprakelijk voor de letselschade?

Val tijdens spel

Een man van 63 jaar deed tijdens een personeelsuitje mee aan een escape room spel. In de laatste kamer had de groep de code ontcijferd om een metalen traliehek te kunnen openmaken. Hierachter bevond zich een trap die toegang bood tot een ruimte beneden. De man ging als derde persoon naar beneden. Voor en tijdens de afdaling op de trap werden rook, lichtflitsen, verlichting en harde geluidseffecten geproduceerd vanuit de controlekamer.

De trap bestond uit twee delen. De man hield zich vast aan een leuning, die alleen bij het eerste deel van de trap aanwezig was. De armleuning stopte en door alle licht- en geluidseffecten dacht de man dat hij al op de begane grond was.  De man had helaas niet door dat er nog een onderste deel van de trap was. Door een misstap viel de man, met een beenbreuk tot gevolg.

Eigen schuld?

De man stelt de eigenaren van de escape room aansprakelijk voor zijn letselschade.  Deze  hebben niet gewaarschuwd voor de hem onbekende en onveilige situatie.

De eigenaren stellen op hun beurt dat de trap niet gevaarlijk is. Van bovenaf zou de man het verloop van de trap goed hebben kunnen inschatten en als hij de trap gevaarlijk vond, had hij die niet moeten betreden. Het is dus zijn eigen schuld dat hij is gevallen.

Na het ongeval hebben de eigenaren echter wel maatregelen getroffen om de trap veiliger te maken, zoals het aanbrengen van reflecterende strips, een extra armleuning, het laatste afstapje van de trap wit geschilderd en de positie van de lampen veranderd.

Aansprakelijkheid van een bezitter van een opstal

Als een opstal  een gevaar voor personen of zaken oplevert, is de bezitter aansprakelijk als dit gevaar zich verwezenlijkt. De rechtbank past de kelderluikcriteria (ECLI:NL:HR:1965:AB7079) toe om te toetsen of er sprake is van een gevaarlijke situatie.

 Kelderluik criteria

Om het spel verrassend, spannend en geheimzinnig te houden, wordt deelnemers van te voren niet alle eigenaardigheden van de route verteld. De deelnemers worden niet gewaarschuwd voor gevaarlijke onderdelen zoals de trap. Tijdens het afdalen van de trap klonken harde geluidseffecten, werden bliksemschichten vertoond en kwamen mistwolken tevoorschijn, wat een desoriënterende werking heeft op de deelnemers.  Volgens de rechtbank ligt het daarom voor de hand dat een speldeelnemer niet voldoende oplettend en voorzichtig zal zijn tijdens het afdalen van de trap.

Vervolgens toetst de rechtbank hoe groot de kans is dat een ongeval ontstaat, indien men niet voldoende oplettend en voorzichtig kan zijn. Volgens de rechtbank is het algemeen bekend dat een val van een trap kan leiden tot (ernstig) letsel. Een beenbreuk is hierbij niet ondenkbaar.

Tot slot kijkt de rechtbank of het bezwaarlijk is om gepaste veiligheidsmaatregelen te nemen. Volgens de rechtbank hadden de eigenaren eenvoudig noodzakelijke veiligheidsmaatregelen kunnen treffen. Dit hebben zij namelijk na het ongeval ook gedaan.

Er is voldaan aan de kelderluikcriteria en de eigenaren van de escape room hebben dus een gevaar scheppende situatie gecreëerd. Door de val van de man heeft het gevaar zich verwezenlijkt en hierdoor hebben de eigenaren onrechtmatig gehandeld jegens de man. Zij dienen zijn letselschade te vergoeden.

Wilt u meer informatie over letselschade onder werktijd of tijdens een bedrijfsactiviteit of uitje? Neemt u dan contact met ons op.

Uitspraak: Rechtbank Zeeland-West-Brabant ECLI:NL:RBZWB:2017:244

 

 

 

 

 

 

schadevergoeding, letselschade

Hoe schade te berekenen bij studievertraging door fout onderwijsinstelling?

 Studenten

Schadevergoeding wegens studievertraging

 

Studenten stellen onderwijsinstellingen steeds vaker met succes aansprakelijk voor schade wegens studievertraging. Zo ook een student van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Deze student psychologie haalde een 5,2 voor het laatste multiple choice tentamen van haar bacheloropleiding. Hierdoor behaalde zij niet op tijd haar bachelorgraad en werd zij niet toegelaten tot de masteropleiding van haar keuze. De student liep zo een jaar studievertraging op. Zij houdt de universiteit om meerdere redenen aansprakelijk voor deze vertraging. De rechtbank stelt haar in het gelijk.

De feiten

De student heeft na het halen van de onvoldoende meerdere malen om inzage in haar tentamen gevraagd. Ook heeft zij de Examencommissie verzocht om het tentamen vervroegd te mogen herkansen. Volgens de commissie was er pas in september gelegenheid voor herkansing; te laat voor de student om zich nog voor de masteropleiding te kunnen aanmelden. Ook kreeg zij pas in september toestemming om haar tentamen in te zien. De onvoldoende bleek te berusten op een fout bij het nakijken. Na correctie van deze fout kreeg de student een 5,5 waarmee zij haar bachelor alsnog ontving. Het was inmiddels te laat voor toelating tot de masteropleiding die 1 september startte. De studente eist schadevergoeding van de universiteit vanwege een jaar studievertraging.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter stelt de student in het gelijk en oordeelt dat de universiteit onrechtmatig heeft gehandeld. Allereerst is er een fout gemaakt bij het nakijken van het tentamen. Vervolgens heeft de student geen kans gekregen om binnen 30 dagen na bekendmaking van het cijfer het tentamen in te zien, ondanks het feit dat zij hier herhaaldelijk op aandrong.

Berekenen schadevergoeding bij studievertraging

Het begroten van een concrete schadevergoeding wegens studievertraging is bewerkelijk. De student kon vanwege de onterechte onvoldoende haar bachelor niet tijdig afronden en zich niet inschrijven voor een masteropleiding. Als gevolg hiervan kan ze uiteindelijk een jaar later dan gehoopt toetreden tot de arbeidsmarkt, waardoor zij een jaar aan inkomsten uit werk op eigen niveau misloopt. Het is echter onzeker hoe snel de student een baan op dat niveau zou hebben gevonden, welk salaris bij een dergelijke baan hoort, enzovoorts.

Richtlijn Studievertraging Letselschaderaad

Bij het berekenen van schadevergoeding wegens studievertraging sluit men doorgaans aan bij de Richtlijn inzake Studievertraging van de Letselschaderaad. Deze richtlijn is bedoeld voor situaties waarin een student vanwege lichamelijk letsel studievertraging oploopt. Deze student kon, in tegenstelling tot studenten met letselschade, inkomen uit arbeid genereren. De Erasmus Universiteit gaat daarom niet akkoord met het volledige bedrag dat uit de Richtlijn voortvloeit en stelt dat de inkomsten van de student op dit bedrag in mindering gebracht moeten worden.

De kantonrechter gaat mee in dit verweer van de universiteit. Bedragen op grond van de Richtlijn inzake Studievertraging gaan uit van een situatie waarin iemand een jaar niet kan studeren en ook niet kan werken. Bij deze student was geen sprake van letsel en op haar rustte daarom een schadebeperkingsplicht. Zij heeft daaraan voldaan, door te werken en geen onnodige studiekosten te maken. Haar inkomsten zijn in mindering gebracht op de gevraagde schadevergoeding.

Wilt u meer weten over de berekening van letselschade ? Neemt u dan contact met ons op (info@spetteradvocaat.nl of bel 033-2100112).

schadevergoeding

Wegbeheerder aansprakelijk voor val fietsertje door scheur in wegdek?

schadevergoeding, letselschade

Gemeente aansprakelijk voor letselschade fietsertje

 

Een meisje (10) fietst in Den Haag met een vriendin op de bagagedrager vanaf het strand omlaag, richting Wassenaar. Zij lijdt forse letselschade wanneer zij ten val komt door een scheur van vijf meter lang in het wegdek van het geasfalteerde fietspad. De moeder van het meisje stelt de gemeente aansprakelijk voor het ongeval en de daaruit voortvloeiende letselschade van haar dochter. De rechtbank wijst de schadeclaim af. Het hof stelt de moeder in hoger beroep wel in het gelijk. Het hof hecht grote waarde aan de rapportage van de verkeersongevallen deskundige die de moeder heeft ingeschakeld.

Rechter wijst schadeclaim af ondanks rapportage

De moeder van het jonge fietsslachtoffer en haar letselschade advocaat voeren bij de kantonrechter aan dat er sprake was van gebrekkige opstal en dat de gemeente als wegbeheerder daarom aansprakelijk is voor de letselschade van het meisje. De rechtbank wijst de schadeclaim af: de toedracht van het ongeval staat niet vast en de gemeente heeft het fietspad voldoende onderhouden, zo is het oordeel. De rechtbank gaat hiermee voorbij aan de rapportage van de verkeersongevallen deskundige die de moeder van het slachtoffer inschakelde. Hierin staat dat het fietspad zonder meer gebrekkig is en de staat van onderhoud potentieel gevaar van vallen met zich meebrengt.

Hof hecht waarde aan onderzoek deskundige

De moeder gaat in hoger beroep en het hof stelt haar wel in het gelijk. De rapportage van de verkeersongevallen deskundige die de moeder heeft ingeschakeld, is van doorslaggevend belang voor de totstandkoming van het oordeel van het hof.

Volgens het onderzoek van de deskundige voldeed het drukke fietspad ten tijde van het ongeval niet aan de eisen die verkeersdeelnemers mogen stellen aan het wegdek om serieus valgevaar door bijvoorbeeld oneffenheden te voorkomen. Het wegdek van het fietspad was beschadigd en had er niet zo mogen bijliggen, concludeert de deskundige.

Het hof gaat met de onderzoeker mee en stelt dat voldoende vaststaat dat het meisje is gevallen door de scheur in het wegdek. Uit getuigenverklaringen blijkt ook niet dat het meisje onoplettend of onvoorzichtig heeft gehandeld. Er is volgens het hof dan ook geen sprake van eigen schuld in de zin van art.6:101 BW.

Deskundige en letselschade advocaat inschakelen

Wie de wet niet kent, laat zich mogelijk snel afschepen. Gevallen door een scheur in het wegdek? Dan had het slachtoffer misschien beter moeten opletten. Een letselschade advocaat weet wat de rechten van een verkeersslachtoffer zijn en kan bijvoorbeeld adviseren om een deskundige in te schakelen.

Een letselschade advocaat kan goed inschatten of het zinvol is om een rapportage te laten opstellen. In dit geval heeft het onderzoek van de ongevallendeskundige ertoe geleid dat de moeder van het jonge slachtoffer in hoger beroep in het gelijk is gesteld. De deskundige kon aantonen dat het fietspad niet voldeed aan de richtlijnen van het CROW, de onafhankelijke kennisorganisatie op het gebied van infrastructuur, openbare ruimte en verkeer en vervoer voor onder meer (decentrale) overheden. ‘De kans is zeer groot dat het meisje over deze scheurvorming heeft gereden. De aard en vorm van de scheurvorming kan zeer wel hebben geleid tot het in onbalans raken en de uiteindelijke val,’ aldus de rapportage.

Gemeente als wegbeheerder aansprakelijk voor letselschade

De wegbeheerder heeft volgens de Wegenwet de plicht om het wegdek van een fietspad in goede conditie te houden. De Wegenwet bepaalt ook dat de gemeente ervoor moet zorgen dat wegen binnen haar gebied in goede staat verkeren en dat ze voldoen aan eisen ten aanzien van de kwaliteit van het wegdek, de veiligheid van de omgeving en de zichtbaarheid van obstakels en gevaarlijke beschadigingen. Voldoet het wegdek niet aan de eisen en komt u daardoor ten val? Dan is de gemeente aansprakelijk te stellen voor uw letselschade.

Heeft u vragen over letselschade na een ongeval, neem dan contact met ons op.

Uitspraak: Hof Den Haag, 17 mei 2016

ECLI nummer: ECLI:NL:GHDHA:2016:1350

 

Zorgplicht werkgever arbeidsongeval tijdens schaatsen met schoolklas

letselschade

Zorgplicht werkgever tijdens buitenschoolse activiteiten

Na schooltijd lekker schaatsen en het ijs op met de hele klas. Leuk! Maar wat als de docent en begeleider hierbij op zijn hoofd valt? Wie is dan aansprakelijk voor zijn letselschade? Studenten van een ROC vertrokken voor een buitenschoolse activiteit naar een schaatsbaan. De docent die als begeleider meeging, kwam ten val. Is de school als werkgever aansprakelijk voor zijn letselschade? Een werkgever moet zorgen voor veilige werkomstandigheden. Schiet hij daarin tekort dan is hij bij een arbeidsongeval in beginsel aansprakelijk voor de letselschade van de werknemer. Maar viel het schaatsen wel onder werktijd van de docent? En heeft de school aan de zorgplicht voldaan?

 

Wat er gebeurde

Een docent is tijdens het schaatsen met een klas van een ROC na de reguliere schooltijd met zijn hoofd op het ijs gevallen. Hij is daardoor gedeeltelijk arbeidsongeschikt geraakt vanwege een postcommotioneel syndroom. Hierbij heeft een slachtoffer langer dan drie maanden blijvende klachten van een hersenschudding. De docent stelt de school, zijn werkgever aansprakelijk voor alle letselschade als gevolg van het ongeval op het ijs. De werkgever echter is van mening dat het schaatsen buiten werktijd gebeurde en dat er geen sprake is van een arbeidsongeval waarvoor de school aansprakelijk zou zijn.

Zorgplicht werkgever

Een werkgever heeft zorgplicht. Dat houdt in dat een werkgever voldoende maatregelen moet treffen om de veiligheid van werknemers te garanderen. Loopt een werknemer toch letsel op door een ongeluk op het werk, dan is de werkgever aansprakelijk voor de letselschade. Alleen als de werkgever kan bewijzen dat aan de zorgplicht is voldaan, of kan aantonen dat het ongeluk niet tijdens werktijd plaatsvond, is de werkgever niet aansprakelijk. De vraag is nu: heeft een school zorgplicht tijdens buitenschoolse activiteiten? Viel het schaatsen onder het uitvoeren van werkzaamheden? En zo ja, heeft de school dan aan de zorgplicht voldaan?

 

Docent stelt werkgever aansprakelijk

In deze zaak stelt de docent zijn werkgever aansprakelijk voor zijn letselschade. Hij was als begeleider met studenten mee: het ongeval gebeurde volgens hem dus onder werktijd. De school stelt echter dat schaatsen niet kan worden aangemerkt als het verrichten van arbeid, omdat de docent niet verplicht was om met de klas mee te gaan schaatsen. Andere docenten hadden de klas ook kunnen begeleiden. Bovendien vindt de school dat hoe dan ook aan de zorgplicht is voldaan. De school ziet de valpartij van de docent daarnaast als een huis- tuin- en keukenongeval waarvoor een werkgever niet aansprakelijk is.

Oordeel rechtbank

De kantonrechter toetst of de werkgever aansprakelijk is voor de schade van de werknemer.

Is het begeleiden van een buitenschoolse schaatsactiviteit aan te merken als het verrichten van arbeid? Heeft een school zorgplicht voor een docent die hierbij ten val komt? De rechtbank is van oordeel dat het schaatsen tot de werkzaamheden van de docent behoorde. En dat de school niet aan de zorgplicht heeft voldaan. De rechtbank stelt de docent hiermee in het gelijk en het ROC moet de letselschade van de docent betalen.

Hoe komt de rechter tot dit oordeel?

Begeleiden van studenten naar en tijdens activiteiten onder schooltijd maken deel uit van de lesverplichting van een docent. Buitenschoolse activiteiten – zoals het schaatsen – zijn bij onderwijsinstellingen gebruikelijk en studenten zijn in principe ook verplicht om hieraan deel te nemen. Leerkrachten moeten deze activiteiten begeleiden, ook als ze buiten de reguliere lestijden plaatsvinden. De docent heeft op het ROC ook een rol als mentor. Daardoor lag het voor de hand dat hij als begeleider met de klas meeging. Dat andere docenten de leerlingen ook hadden kunnen begeleiden, vond de rechter geen doorslaggevend argument.

Het ROC heeft volgens de kantonrechter ook niet aan de zorgplicht voldaan. Schaatsen brengt een bijzonder risico met zich mee. De school had hiervoor moeten waarschuwen, ook al zou je kunnen verwachten dat iedereen weet dat ijs nu eenmaal glad en hard is. Het ROC had de deelnemende docenten kunnen vertellen dat zij niet verplicht waren om zelf ook het ijs op te gaan. En kunnen aangeven dat zij voorzichtig moesten doen en eventueel een helm of andere bescherming moesten huren.

Wilt u meer weten over aansprakelijkheid voor een arbeidsongeval? Neemt u dan contact met ons op.

Uitspraak: Rechtbank Midden-Nederland, 3 februari 2016

ECLI nummer ECLI:NL:RBMNE:2016:1966

schadebeperkingsplicht

Letselschade en schadebeperkingsplicht

Een man bereikt bijna zijn pensioen gerechtigde leeftijd maar raakt betrokken bij een auto-ongeval en heeft letselschade. De bedrijfsarts geeft aan dat hij beter vervroegd met pensioen kan gaan. De aansprakelijke verzekeraar wil dat de man parttime blijft werken tot zijn pensioendatum om de schade te beperken.

Een slachtoffer met letselschade krijgt het advies in een specialistische winkel om een bepaald type beugel te kopen waardoor hij makkelijker op kan staan. De aansprakelijke partij wil deze beugel niet vergoeden en stelt dat een goedkopere beugel in een winkel met huishoudelijke artikelen gekocht kan worden.

Een derde slachtoffer met letselschade wil een bepaalde therapie volgen ter pijnbestrijding. De verzekeraar wil deze therapie niet vergoeden omdat onvoldoende zou vaststaan of deze therapie helpt.

Deze drie voorbeelden hebben één ding gemeen: de aansprakelijke partij wil  niet de volledige letselschade vergoeden die het slachtoffer lijdt. Waar heeft het slachtoffer recht op, wat kan hij claimen?

De schadebeperkingsplicht

De letselschade die een slachtoffer lijdt na een ongeval, loopt uiteen. Van medische behandelingen tot het moeten gebruiken van een huurauto of het verlies aan inkomsten (ook wel het verlies van verdienvermogen). Niet altijd is de aansprakelijke partij bereid om alle geclaimde schadeposten te vergoeden. Deze beroept zich dan op de schadebeperkingsplicht van het slachtoffer. Dat is de plicht van het slachtoffer om de letselschade te beperken.

Of het slachtoffer de schade moet beperken is voer voor discussie. Kan een slachtoffer gedwongen worden een bepaalde medische behandeling te ondergaan? Kan een verzekeraar weigeren de behandeling te vergoeden die het slachtoffer geadviseerd wordt en misschien doet herstellen. Moet het slachtoffer zich laten omscholen, zodat hij een ander beroep kan beoefenen? Kortom moet een slachtoffer de “goedkoopste” oplossing zoeken? De rechtspraak is hier niet eensgezind over.

Medische behandeling en letselschade

De schadebeperkingsplicht kan met zich meebrengen dat het slachtoffer een medische behandeling moet ondergaan. Het Hof Leeuwarden van 21 november 2001 (ECLI:NL:GHLEE:2001:AD7178)  vond dat het slachtoffer een medische behandeling moet ondergaan als de behandeling wordt aangeraden door artsen en deskundigen. Het Hof Arnhem van 23 mei 2006 (ECLI:NL:2006:AY5110) overwoog daarentegen dat het slachtoffer bij een operatie de vrijheid moet hebben om zelf de risico’s af te wegen. Het ging in deze zaak om een hersteloperatie. Tijdens een eerdere operatie waren ten onrechte lymfeklieren verwijderd. Een hersteloperatie zou de klachten kunnen verminderen. De risico’s die aan de hersteloperatie zijn verbonden, waren niet duidelijk. Ook was het niet zeker dat de operatie het probleem zou verhelpen. Het slachtoffer hoefde dus niet de operatie te ondergaan om zo te proberen zijn schade te beperken.

Re-integratie

En wat als een slachtoffer door het letsel niet meer fulltime kan werken in zijn oude beroep? Stel dat hij nog wel parttime kan blijven werken en daardoor minder verdient. Kan de verzekeraar dan verlangen dat hij zich laat omscholen en op zoek gaat naar een fulltime baan bij een andere werkgever?  Als het gaat om de omscholing van een slachtoffer, dan moet er worden gelet op de persoonlijkheid van het slachtoffer. Hij kan niet worden gedwongen een beroep te kiezen dat niet bij hem past. Vaak hangt het af van de omstandigheden van het geval. Zo was de Rechtbank Amsterdam van mening dat van een man die jarenlang als havenarbeider had gewerkt, niet kan worden verwacht dat hij ander werk ging verrichten. In feite had hij geen reële plaatsingskans op de arbeidsmarkt. De rechtbank overwoog dat zijn persoonlijkheidsstructuur voor rekening en risico kwam van de veroorzaker van het ongeval. Deze moest dan ook de volledige letselschade als gevolg van zijn arbeidsongeschiktheid vergoeden (ECLI:NL:RBAMS:1984:AJ5103).

Kortom, als een slachtoffer letselschade lijdt, kan er discussie ontstaan over de vergoeding van de claim. Het ligt aan de omstandigheden van het geval of zijn schade volledig vergoed moet worden.

Wilt u meer informatie?

Heeft u schade geleden en heeft u vragen over de afwikkeling van uw letselschade ? Dan kunt u contact opnemen met mr. Maya Spetter (info@spetteradvocaat.nl) of neem vrijblijvend telefonisch contact met ons op via  033 2100112.

 

 

Erasmus MC

Erasmus MC; instrument getest op onwetende patiënten.

Erasmus MC: Nieuw operatie-instrument getest op onwetende patiënten.

Dat is de kop van een artikel in de NRC van 23 september 2016. Eén van deze patiënten van Erasmus MC is mijn cliënt. Tijdens de operatie die hij 2007 in het EMC ondergaat wegens boezemfibrillatie ontstaat een levensbedreigende complicatie met blijvende negatieve gevolgen voor zijn gezondheid.  Zijn longader scheurt na het inbrengen van een cryoballon.

Tussen augustus 2005 en augustus 2007 onderzoeken artsen in het Erasmus MC de veiligheid en de werking van de cryoballon. In een publicatie over deze studie waarbij 141 patiënten zijn betrokken, schrijven de artsen “we are now publishing the first human data in this field”.  

Mijn cliënt wist niet dat hij met een nieuw instrument werd geopereerd waarvan de veiligheid en werking getest werd. Aangesproken door mijn cliënt voor de ernstige complicatie erkent het Erasmus MC geen aansprakelijkheid. Volgens het Erasmus MC hoefde het onderzoek waarvan cliënt deel uitmaakte niet te worden gemeld bij de Centrale Commissie Medisch Onderzoek.

Dit hoewel de onderzoekers zelf zeggen dat het gaat om een prospectieve studie naar de veiligheid en haalbaarheid van de nieuwe techniek.

De Wet Medisch Wetenschappelijk Onderzoek (WMO) schrijft voor dat voor medisch wetenschappelijk onderzoek met patiënten toestemming nodig is van een medisch ethische toetsingscommissie. Die vallen allen onder de landelijke Centrale Commissie Medisch Onderzoek (CCMO).

Patiënten moeten natuurlijk geïnformeerd worden over de risico’s van een niet reguliere behandeling, zodat ze weloverwogen kunnen beslissen over die behandeling. Bovendien dient een goede verzekering te worden afgesloten voor deze patiënten. Ontstaan er ernstige complicaties dan vergoedt de verzekeraar de schade.

Het Erasmus MC is van mening dat de patiënten niet geïnformeerd hoefden te worden omdat zij niet extra werden belast.  In een reactie zegt het ziekenhuis dat er geen medisch wetenschappelijk onderzoek werd gedaan en dat er daarom geen toestemming nodig was van een medisch ethische commissie en van de patiënten zelf. De publicaties zouden zijn gedaan in een terugkijkonderzoek (retrospectief). Omdat er geen onderzoeksopzet was, hoefden de patiënten niets te tekenen. Dit strookt echter niet met de publicaties van de betrokken artsen waarin staat dat iedere patiënt die met de nieuwe methode werd behandeld een informed consent formulier heeft getekend.

Wanneer het geen observationeel onderzoek is, is wel degelijk toestemming nodig van een medisch ethische commissie èn natuurlijk ook van de patiënten. Op dit moment bereid ik namens mijn cliënt een procedure voor om meer duidelijkheid te krijgen en een vergoeding voor zijn letselschade.

Lees verder de artikelen van NRC, NOS, Volkskrant, RTL en NU.NL

NRC 23 september 2016
NOS 24 september 2016
RTL 24 september 2016 
Volkskrant 25 september 2016
nu.nl 25 september 2016Erasmus MC

 

 

 

E-bike. Verandert Nederland in een E-fietsland?

Nederland is nog steeds een fietsland, al worden er elk jaar minder fietsen verkocht. Toch wordt er de laatste jaren meer geld uitgegeven aan nieuwe fietsen. Dat komt omdat inmiddels één op de drie nieuwe fietsen elektrisch is. Consumenten betalen gemiddelde het dubbele voor een e-bike van de prijs van een gewone fiets. Vooral mensen onder de 50 jaar kopen een e-bike als alternatief vervoersmiddel.

Vaak realiseren kopers zich niet wat ze precies aanschaffen: een fiets of een motorrijtuig. Dat maakt nog al wat uit indien de e-fietser een ongeval veroorzaakt met letselschade tot gevolg.

De Wet aansprakelijkheidsstelling motorrijtuigen (WAM) verplicht de bezitter van een motorrijtuig deze te verzekeren. Artikel 185 van de Wegenverkeerswet biedt bescherming aan een ongemotoriseerde als een verkeersongeval ontstaat met een gemotoriseerde. Toen de Wegenverkeerwet in 1994 werd opgesteld, waren er nog geen elektrische fietsen, laat staan een vrij nieuw fenomeen, de high speed e-bike.

Letselschade

Stel er vindt een verkeersongeval plaats tussen een normale fietser en een elektrische fietser met letselschade tot gevolg, gelden er dan speciale regels of hebben beiden dezelfde rechten?

Wat is een elektrische fiets?

Er bestaan tegenwoordig twee categorieën elektrische fietsen, te weten de elobike, ook wel pedelec genoemd en de tweede categorie, de e-bike. De eerste categorie, de elobike/pedelec, wordt aangedreven door trapondersteuning en komt niet automatisch vooruit. De tweede categorie, de e-bike, heeft geen trapondersteuning, maar komt vooruit door middel van een aangedreven motor. De pedalen werken onafhankelijk van de motor, ondersteunend trappen is eventueel mogelijk.

Dan is er ook nog de high speed e-bike, die een maximum snelheid kan behalen van 45 kilometer per uur. Heeft de high speed e-bike een snorfietskenteken of een bromfietskenteken, dan mag deze e-bike op de openbare weg rijden. Als de high speed e-bike een motorrijtuig is, moet deze als zodanig verzekerd worden en wordt deze op grond van de Wegenverkeerswet niet als fiets maar als motorrijtuig beschouwd. Ook is het dragen van een helm verplicht.

Is een E-bike een motorrijtuig of fiets?

De high speed fiets kan tegenwoordig worden gekeurd als een snorfiets en vanaf 1 januari 2017 als een bromfiets. Behaalt de high speed e-bike een maximum snelheid van 25 kilometer per uur, dan valt deze fiets onder de categorie snorfiets en is een snorfietskenteken (blauwe kentekenplaat) verplicht.

Behaalt de high speed een maximum snelheid van 45 kilometer per uur, dan is het pas vanaf 1 januari 2017 mogelijk om deze te laten keuren als een bromfiets, hetgeen inhoudt dat er een bromfietskenteken (gele kentekenplaat) noodzakelijk is voor de high speed bike.

In de rechtspraak en in de WAM is bepaald dat zowel de snorfiets als de bromfiets als een motorrijtuig worden beschouwd. Aangezien de high speed e-bike ofwel als een snorfiets, ofwel als een bromfiets kan worden gekwalificeerd vanaf 1 januari 2017, is de high speed e-bike een motorrijtuig.

Moet voor de e-bike een motorrijtuig verzekering worden afgesloten?

De bezitter van een motorrijtuig en degene aan wie het kenteken voor het motorrijtuig is opgegeven, moet zich verzekeren volgens de WAM. De elobike is echter vrijgesteld van de verplichting tot het sluiten van een verzekering volgens de WAM.  Een high speed e-bike dient hoe dan ook verzekerd te worden, aangezien dit een motorrijtuig is en hiervoor een gele of blauwe kentekenplaat noodzakelijk is.

Verzekert u uw high speed e-bike niet en komt u in botsing met een gewone fietser,  dan is er sprake van een ongeval tussen een ongemotoriseerde en een gemotoriseerde. Artikel 185 Wegenverkeerswet is dan van toepassing en beschermt de normale fietser. U dient dan in ieder geval 50 % van de schade van de gewone fietser te vergoeden ook al maakte deze een verkeersfout.  Mogelijk bent u zelfs voor de gehele schade aansprakelijk. Dat hangt af van de toedracht. Indien u hiervoor niet verzekerd bent, moet u de schade zelf dragen. Uw gewone AVP verzekering zal  immers stellen dat u zich, nu u een motorrijtuig bestuurde, hiervoor apart had moeten verzekeren.

Er gebeuren veel ongevallen met elektrische fietsen. Het is dus belangrijk dat u weet hoe het zit met de aansprakelijkheid en verzekering bij schade door of bij het gebruik van een elektrische fiets. Er gebeuren nu eenmaal veel ongevallen waarbij e-fietsen bstrokken zijn. In vrijwel alle AVP-verzekeringen is opgenomen dat de fiets met trapondersteuning is meeverzekerd, maar dat geldt niet voor de volledig elektrische fiets. Daar moet een motorrijtuigen verzekering voor worden afgesloten en moet men minimaal in het bezit zijn van het rijbewijs AM.

e-bike

e-bike

 

 

German, Wings, vliegramp

Vliegramp Germanwings vlucht 4U9525

Op 24 maart 2015 is een toestel van Germanwings neergestort in de Franse Alpen. Hierdoor zijn 150 levens te betreuren.

Het vliegtuig werd bestuurd door een gezagvoerder die meer dan 10 jaar voor Lufthansa werkte en meer dan 6000 vlieguren had gemaakt. De copiloot was Andreas Lubitz, een 27-jarige man die sinds september 2013 voor Germanwings werkte als copiloot en ongeveer 630 vlieguren had gemaakt.

Inmiddels staat vast dat de copiloot zwaar depressief was en het toestel heeft laten neerstorten. Hij heeft gewacht tot de gezagvoerder naar het toilet ging en hij alleen in de cockpit was. Lubitz deed de deur van de cockpit op slot zodat niemand van buitenaf de cockpit in kon en liet het toestel dalen.. De gezagvoerder heeft geprobeerd om de deur te forceren, tot het moment dat het vliegtuig neerstortte in de Franse Alpen.

Maya Spetter staat nabestaanden bij in de juridische afwikkeling van deze vliegramp. Daarin wordt samengewerkt met het Amerikaanse advocatenkantoor van Kreindler & Kreindler. Dit kantoor is een procedure gestart in Arizona (VS) tegen de vliegschool waar Lubitz zijn opleiding heeft genoten. Dit is het Airline Training Centre, een onderdeel van Lufthansa.

Wilt u meer lezen over deze procedure, lees dan het persbericht dat Kreindler & Kreindler heeft verspreid.

Smartengeld

Smartengeld in 2016.

Smartengeld in 2016, een rimpeling in stilstaand water?

De smartengeldvergoedingen die in Nederland worden uitgekeerd, blijven in vergelijking met de ons omringende landen achter. De ontwikkeling in de hoogte van het smartengeld houdt zelfs de inflatie niet bij. Sommigen spreken daarom ook van stilstaand water. Het is nodig dat de vergoedingen in Nederland worden verhoogd, zoals dit ook gebeurt in de ons omringende landen. De Hoge Raad heeft aanwijzingen gegeven voor het begroten van smartengeld. Eén daarvan is dat gelet moet worden op de vergoedingen die in vergelijkbare gevallen zijn toegekend en op de maximaal toegekende bedragen. Dit wordt gezien als één van de oorzaken van het lage niveau van het smartengeld in Nederland. Recent is er een positieve trend waarneembaar. Hieronder wordt een aantal recente zaken kort besproken.

Het UMC Utrecht heeft een schadevergoeding van € 350.000 als vergoeding immateriële schade betaald aan een vrouw, als gevolg van een medische fout. Het ziekenhuis had zonder haar medeweten haar weefsel onderzocht en ontdekte hierin kwaadaardige cellen. Pas twee jaar na deze ontdekking is aan de vrouw medegedeeld dat zij kanker heeft. Deze mededeling kwam te laat, de vrouw was op dat moment reeds ongeneeslijk ziek. Dit is tot op heden het hoogste bedrag aan smartengeld dat is uitgekeerd in Nederland. Hierbij wordt opgemerkt dat dit bedrag tot stand is gekomen in onderhandelingen tussen het UMC Utrecht en de vrouw.

Doorgaans zijn de bedragen aan smartengeld die worden toegewezen door de rechters in Nederland aanzienlijk lager. Het hoogste bedrag aan immateriële schade dat tot op heden door een rechter werd toegewezen is € 200.000. Dit gebeurde in 2015 in een strafzaak waarbij een man ernstige brandwonden opliep, nadat drie mannen een molotovcocktail door het raam van de woning van de man hadden gegooid. De man lag tijdens dit voorval op zijn bed. Hij liep hierdoor eerste en tweedegraads brandwonden op over een groot deel van het huidoppervlak.

Smartengeld vaststellen vereist deskundige bijstand

Indien u letsel oploopt als gevolg van bijvoorbeeld een ongeval, laat u dan goed informeren over de mogelijkheden van een schadevergoeding voor smartengeld. Voordat u akkoord gaat met het onderhandelingsvoorstel van de wederpartij, is het verstandig om uw gehele schade in kaart te laten brengen door een letselschadeadvocaat. Deze zal ervoor zorgen dat u als slachtoffer niet tekort wordt gedaan. U heeft recht op een volledige schadevergoeding. Het is belangrijk dat alle elementen die de hoogte van het smartengeld bepalen goed en deskundig in kaart worden gebracht door een letselschadespecialist.

Deskundig advies nodig over smartengeld?

Neem vrijblijvend contact met ons op om u te laten adviseren.

www.spetteradvocaat.nl

Smartengeld 2016

Smartengeld in 2016, een rimpeling in stilstaand water?

Schadevergoediing en bijstand

Schadevergoeding en Bijstand?

Wanneer iemand een bijstandsuitkering heeft (Wet Werk en bijstand) mag hij maximaal € 5.850,- aan vermogen hebben als alleenstaande. Personen die een gezamenlijke huishouding voeren mogen maximaal € 11.600 vermogen hebben. Is het vermogen hoger, dan vervalt het recht op bijstand.

Letselschade en schadevergoeding

Wat als een slachtoffer van letselschade een bijstandsuitkering (WWB) ontvangt en recht heeft op een schadevergoeding bijvoorbeeld wegens een ongeval of medische fout? Deze vraag werd voorgelegd aan de Rechtbank Zeeland-West Brabant  en deze deed hierover op 16 april 2014 uitspraak(ECLI:NL:RBZWB:2014:4520). Een vrouw had ernstig letsel als gevolg van een foutieve medische behandeling en had recht op een forse schadevergoeding. Vervolgens kwam aan de orde of de gemeente haar WWB uitkering zou intrekken. Het ziekenhuis vond dat zij geen vergoeding hoefde te betalen als de vrouw haar WWB uitkering zou verliezen vanwege het door haar ontvangen bedrag aan schadevergoeding. De rechtbank overwoog dat wanneer als gevolg van de schade uitkering de bijstandsuitkering wegvalt dat leidt tot een gat in de financiële huishouding. Van het slachtoffer kan niet worden gevergd dat zij de schadevergoeding dan besteedt aan kostenposten waarvoor die uitkering niet is bedoeld.

Kortom wanneer iemand letselschade lijdt en iemand anders daarvoor aansprakelijk is en daardoor zijn bijstandsuitkering komt te vervallen dan vormt dat extra schade die vergoed moet worden door de aansprakelijke partij. Het slachtoffer moet zelf kunnen beslissen waaraan zij de schade uitkering besteedt.

Deze uitspraak maakt het afwikkelen van schades van slachtoffers met een WWB uitkering veel eenvoudiger.

Wilt u nog meer weten over letselschade? Klik dan hier.

 

MH17 Crash Malaysia Airlines; onderzoeksraad

MH17 Crash Malaysia Airlines: Onderzoeksraad voor de Veiligheid

Het rapport van eerste bevindingen van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid over MH17 crash Malaysia Airlines is op 9 september 2014 gepubliceerd. Hier vind u de belangrijkste bevindingen van het rapport.
Eén van de conclusies van het rapport is dat de Boeing 777 met vluchtnummer MH17 van buitenaf met hoge snelheid is doorboord door een groot aantal energierijke projectielen. Waarschijnlijk heeft dit zoveel schade aan het toestel toegebracht dat het tijdens de vlucht in stukken is gebroken.  Het onderzoeksrapport werd ongeveer drie weken later gepubliceerd dan volgens de geldende richtlijnen moet. Dit omdat de onderzoekersomstandigheden in het oorlogsgebied moeilijk waren.

Onderzoek rol luchtverkeersleiding crash MH17

Uiteraard is ook de communicatie met de luchtverkeersleiding onderzocht. Kort na 13.20 uur verloren de radar van Oekraïne en die van de Russische Federatie het contact met het vliegtuig. Er werd geen noodoproep van het vliegtuig ontvangen door de verkeersleiding. Uit de radar gegevens blijkt dat er rond de tijd van de crash nog drie andere verkeersvliegtuigen boven hetzelfde voor internationale overvliegende verkeersvluchten gesloten luchtruim vloog als vlucht MH17. Om 13.20 uur bedroeg de afstand tussen MH17 en één van de drie andere vliegtuigen ongeveer 30 km.

Luchtruim MH17 was zonder beperkingen

Een belangrijke conclusie is ook dat op het moment van de crash het vliegtuig zich in het luchtruim bevond zonder beperkingen en onder controle stond van de luchtverkeersleiding en vloog langs de route en op de hoogte zoals geklaard door de verkeersleiding. Er waren geen technische storingen aan het toestel bekend, een Boeing 777-200 die in 1997 in de Verenigde Staten is gebouwd. De bemanning was in goede gezondheid.
Meteorologische waarnemingen gaven aan dat er in het gebied over het algemeen veel bewolking was, waarbij op een hoogte van circa 10.000 voet een gebroken wolkendek werd waargenomen. Het zicht in de hele regio  was goed, 10 km of meer.
Wrakstukken van vlucht MH17 zijn verspreid aangetroffen over een groot gebied in het oosten van Oekraïne. Het vliegtuigwrak bestond uit talloze grote en kleine brokstukken verspreid over een gebied van circa 10 × 5 km. Het gatenpatroon dat is aangetroffen in de voorste rompstukken en de cockpit van het vliegtuig komt overeen met de schade die te verwachten is wanneer een groot aantal voorwerpen met hoge energie het vliegtuig van buitenaf doorboort. Het is waarschijnlijk dat dit resulteerde in verlies van structurele integriteit van het vliegtuig en leidde tot het uiteenvallen van het vliegtuig tijdens de vlucht.

Beperkingszones na MH17 Crash Malaysia Airlines

Na de vlucht op 17 juli 2014 om 14.56 uur werd door UkSATSE NOTAM A1507/14 afgegeven waarmee een extra beperkingszone werd toegevoegd boven de bestaande zone (genoemd in NOTAM A1492/14) vanaf FL320 tot onbeperkte hoogte.
Op 18 juli 2014 om 00.07 uur werd door UkSATSE NOTAM A1517/14 afgegeven, waarmee de omvang van de beperkingszone werd uitgebreid en een beperking werd opgelegd vanaf de grond tot onbeperkte hoogte.
Op 29 juli 2014 heeft ICAO met haar partners in de luchtvaartsector aangekondigd een taskforce op te richten om te onderzoeken hoe informatie effectief kan worden verzameld en verspreid ten behoeve van de veiligheid van de burgerluchtvaart.
Doel van het onderzoek van de Onderzoeksraad is de oorzaak van de ramp te achterhalen
en hoopt het definitieve rapport binnen een jaar af te ronden. Doel van het onderzoek door de Onderzoeksraad is om vast te stellen hoe het ongeval heeft kunnen gebeuren en niet om schuldigen aan te wijzen.

Strafrechtelijk onderzoek na MH17 Crash Malaysia Airlines

Er loopt ook een strafrechtelijk onderzoek. Dit staat onder leiding van 10 Nederlandse officieren van justitie en hieraan werken 200 rechercheurs in samenwerking met buitenlandse partners. Doel van dit onderzoek is om de schuldigen op te sporen, te arresteren en te berechten. Onderzoek wordt ingesteld naar de personen die de raket hebben bediend, waarbij de rol van de leiders van de separatisten en ook die van Rusland wordt onderzocht.

MH17 Schadevergoeding voorschot $50.000

Schadevergoeding slachtoffers MH17

De advocaat van Malaysia Airlines heeft op 8 augustus 2014 bevestigd dat de nabestaanden van de slachtoffers van de vliegramp in Oekraïne een voorschot ontvangen van $ 50.000 (€ 37.000). Dit is een voorschot op de uiteindelijke schadevergoeding. De definitieve schadevergoeding wordt later vastgesteld. Omdat het nog lang kan duren voordat het definitieve bedrag aan schade bekend is, wordt er nu alvast een voorschot betaald.

Voorschot op basis verdrag van Montreal

Op grond van het verdrag van Montréal is een vliegtuigmaatschappij ook verplicht om een voorschot te betalen om de directe financiële nood te lenigen. Eerder kregen de nabestaanden een voorschot van $ 5.000 om de eerste nood te lenigen.

MH17 Schadevergoeding

MH17 schadevergoedingLees hier meer over de vliegramp met Malaysia Airlines MH17

Vliegramp MH17 Onderzoeksraad voor veiligheid

Vliegramp MH17 Onderzoeksraad voor Veiligheid

Update 28 juli 2014

De Onderzoeksraad voor Veiligheid is al ruim een week met 35 mensen bezig met zijn onderzoek naar de vliegramp MH17 met het toestel van Malaysia Airlines. Hoewel de onderzoekers nog geen toegang hebben tot de rampplek is het onderzoek in volle gang. Voor de nabestaanden is het van groot belang dat de oorzaak van het neerstorten van het vliegtuig wordt achterhaald.
Het onderzoek heeft 3 speerpunten:
Het vaststellen van de oorzaak van de vliegramp van het vliegtuig
Dit is een internationaal onderzoek waarbij meerdere landen zijn betrokken. Dit onderzoek geschiedt volgens de regels van ICAO en de Raad heeft hierbij de leiding.
Onderzoeksraad wijst geen daders aan
De rapporteurs zullen in elk geval geen daders aanwijzen. Dus als er sprake is van een raket, zal de Raad zich er niet over uitlaten van wie deze afkomstig zou kunnen zijn. “Als al sprake zou zijn van een raket, zullen wij ons er niet over uitlaten van wie die afkomstig zou kunnen zijn” aldus woordvoerder Wim van der Weegen in #VK.
Hoewel de Raad nog niet naar de rampplek kan, is de Raad druk bezig met het inventariseren van de vluchtgegevens, radar- en satellietbeelden, gesprekken van de luchtverkeersleiding en de inhoud van de zwarte dozen.
Verder doet de Onderzoeksraad twee aanvullende onderzoeken naar vliegramp MH17; de vliegroute en de passagierslijst met als doel lessen voor de toekomst te trekken. De uitkomst van het onderzoek naar de besluitvorming over vliegroutes en de risico-afweging die is gemaakt bij de keuze voor de vliegroute over Oost-Oekraïne is van belang voor de hoogte van de schadevergoeding die aan de nabestaanden moet worden betaald. Wanneer KLM en Malaysia Airlines verweten kan worden de vluchtroute over oorlogsgebied te hebben gekozen, is de schadevergoeding niet gelimiteerd tot het bedrag van ongeveer € 114.000.

Passagierslijst vliegramp MH17

Na het vliegtuigongeval was niet direct de volledige passagierslijst van MH17. De Onderzoeksraad kijkt hoe het verkrijgen van deze lijst gegaan is bij vlucht MH17.

Onderzoek naar daders vliegramp MH17

Voor de nabestaanden is het van groot belang dat de exacte oorzaak van de vliegramp bekend wordt. De nabestaanden en slachtoffers van de vliegramp van Turkish Airlines bij Schiphol in 2009 keken met veel spanning uit naar de uitkomst van het onderzoek. Waarschijnlijk zal de Raad ook nu zo snel mogelijk een rapport van eerste bevindingen uitbrengen. De Onderzoeksraad zal geen daders aanwijzen. Op dit moment is een Nederlandse officier van Justitie naar Kiev gereisd om te onderzoeken of er sprake is van moord, oorlogsmisdrijven en het opzettelijk laten neerstorten van het vliegtuig. Sinds 2003 kent Nederland de Wet Internationale Misdrijven. Op grond hiervan kan Nederland iedereen, ook buiten Nederland vervolgen, wegens oorlogsmisdrijven tegen een Nederlander.

Internationaal Strafhof inzetten bij MH17

Mogelijk vraagt Oekraine het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag om vervolging van verdachten. Oekraïne is geen partij bij het ICC maar heeft het strafhof in april van dit jaar juist gevraagd onderzoek te doen naar mogelijke oorlogsmisdaden gepleegd tijdens het bewind van president Viktor Janoekovitsj. Het land wil een onderzoek over de periode 21 november 2013 tot 22 februari. Nederland kan er bij Oekraïne op aandringen het ICC uitbreiding te vragen van het onderzoek tot en met 17 juli, de dag van het neerstorten van MH17.

Vliegramp MH17

Onderzoeksraad voor Veiligheid onderzoekt MH17

Link naar Onderzoeksraad voor Veiligheid

Amerikaanse advocaten uit op schadevergoeding nabestaanden #MH17

Letselschade #MH17

De Nederlandse Vereniging van Advocaten van Slachtoffers Personenschade ASP heeft bericht ontvangen dat zogenaamde ambulance chaseres uit Amerika nabestaanden van de vliegramp met het toestel van Malyasia Airlines MH17 benaderen.

Werkwijze bij eerdere vliegramp

Ook bij eerdere rampen werden slachtoffers benaderd door dergelijke ambulance chasers. Bij grote internationale rampen benaderen louche advocaten uit het buitenland slachtoffers. In feite proberen zij deze te ronselen en een contract te laten tekenen.

In Amerika is het advocaten verboden om binnen 45 dagen na een ramp slachtoffers te benaderen. Deze regels gelden echter niet wanneer zij buiten de Verenigde Staten slachtoffers benaderen. Het zijn eigenlijk alleen de cowboy kantoren die zich niets van deze regels aantrekken.

De Nederlandse letselschade advocaten die ervaring hebben met vliegrampen en samenwerken met internationale kantoren doen dat uitsluitend met gerenommeerde Amerikaanse advocaten en niet met dit soort cowboys. Bovendien is het nog maar de vraag of het in deze zaak nodig is om een Amerikaanse advocaat in te schakelen. In de meeste gevallen zal de schadevergoeding bij letselschade #MH17 naar Nederlands recht worden afgewikkeld. Op dit moment werken wij samen met Nederlandse en internationale advocaten voor de best mogelijke juridische hulp bij de afhandeling van letselschade #MH17

Aangezien de passagierslijsten zijn gepubliceerd op internet en ook in kranten veel persoonsgegevens van slachtoffers zijn gepubliceerd is het voor dit soort louche kantoren eenvoudig om adresgegevens van familieleden te achterhalen. Vaak wordt er aangebeld bij nabestaanden en wordt er gezegd dat ze van een instantie zijn. Zo werden slachtoffers van de vliegtuigramp van Turkish Airlines benaderd door medewerkers van deze kantoren. Die vertelden dat zij onderzoekers waren van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Eenmaal binnengekomen werd een PowerPoint presentatie opgestart en werd duidelijk dat het om Amerikaanse advocaten ging.

Wij raden iedereen af om in te gaan op rechtshulpverleners die u rechtstreeks benaderen.

Lees verder onze artikelen over de schadevergoeding vliegramp MH17

letselschade #MH17 Ons bureau is aangesloten bij vereniging

#MH17

Lid van ASP advocaten

#MH17 lestelschade advocaat

Schadevergoeding #MH17

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

brokstukken toestel MH17

Update 21 juli 2014

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Een vliegtuig van Malaysia Airlines dat op 17 juli 2014 op weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Dit is een grote tragedie. Wij betuigen de familieleden van de passagiers en de bemanningsleden ons medeleven.
In de eerste plaats is van belang dat de lichamen geborgen kunnen worden en teruggegeven aan hun familieleden.
Vervolgens moeten de plek van de crash en het bewijsmateriaal worden veiliggesteld en door een volstrekt onafhankelijke onderzoekscommissie onderzoek worden ingesteld zodat duidelijk wordt wie aansprakelijk zijn voor deze aanval op een civiel vliegtuig. Waarschijnlijk gaat onze eigen Onderzoekraad voor de Veiligheid een  rol spelen in dit onderzoek. Ook is op 21 juli 2014 bekend gemaakt dat het Openbaar Ministerie een onderzoek zal instellen. Uiteraard zullen ook diverse internationale organisaties zoals de ICAO bij het onderzoek naar de toedracht worden betrokken. Daarna komen vragen over de afhandeling van Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding.

Juridische hulp bij Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Wij weten uit ervaring dat in de eerste periode na een vliegramp veel (juridische) dienstverleners hun diensten aanbieden aan nabestaanden. Zij schromen niet om deze rechtstreeks te benaderen, zeker nu zij kunnen beschikken over de passagierslijst. In Nederland werkzame letselschade advocaten mogen de nabestaanden niet rechtstreeks benaderen. De Vereniging van Letselschade advocaten LSA en de Vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade ASP hebben op hun websites lijsten beschikbaar van gespecialiseerde advocaten die in dit soort situaties rechtshulp kunnen verlenen. Van belang is dat u een belangenbehartiger kiest waarin u vertrouwen hebt en die ervaring heeft met het afwikkelen van schade als gevolg van luchtvaartongevallen. Mr. Maya Spetter is lid van zowel LSA, ASP en PEOPIL en heeft veel ervaring met het afwikkelen van schade als gevolg van vliegtuigcrashes. Zo stond zij vele slachtoffers bij van de crash met het vliegtuig van Turkish Airlines TK 1951 dat op 29 februari 2009 voor de landing op Schiphol crashte. In die zaak trof zij regelingen voor de slachtoffers.

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding van luchtvaartmaatschappij

Op grond van het verdrag van Montréal dient Malaysia Airlines de nabestaanden te ondersteunen en compenseren. De maatschappij heeft op 18 juli 2014 aangekondigd de nabestaanden een voorschot te betalen van € 5000. Op grond van het verdrag is zij verplicht om de directe financiële nood van de nabestaanden te lenigen ook wanneer deze meer bedraagt dan € 5.000. Op dit moment heeft de vliegtuigmaatschappij aangegeven dat zij geen nabestaanden naar de plek van de ramp zal vervoeren omdat het daar te gevaarlijk is.
Voor nabestaanden staat verwerking van de ramp voorop. Het is niet noodzakelijk snel juridische stappen te zeten en te komen tot aansprakelijkstelling van betrokken partijen. Op grond van het verdrag van Montréal hebben nabestaanden 2 jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te stellen (middels een procedure). Tot een bedrag van € 129.200 is Malaysian Airlines aansprakelijk. Mogelijk moet de vliegtuigmaatschappij volledige schadevergoeding bieden. Dat kan aan de orde zijn wanneer haar verweten kan worden dat zij de vluchtroute na eerdere ernstige incidenten niet heeft aangepast. Dit aspect zal ongetwijfeld worden onderzocht. Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding.

Vliegverbod voor Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Volgens een medewerker van de Russische luchtverkeersleiding was het in het gebied sinds een paar dagen verboden om lager dan 7900 m te vliegen. Het vliegtuig vloog waarschijnlijk op 10 km hoogte. Inmiddels hebben diverse luchtvaartmaatschappijen waaronder KLM besloten om niet meer over Oost-Oekraïne te vliegen. In april werd al besloten niet meer over de Krim te vliegen vanwege de onrust aldaar en na waarschuwingen van de Europese en Amerikaanse luchtvaartautoriteiten. Ook Lufthansa heeft besloten de vluchten onmiddellijk om te leiden. De FAA (Federal Aviation Administration) heeft waarschuwingen doen uitgaan en bepaalde delen van het Oekraïense luchtruim niet veilig verklaard voor burgervliegtuigen.
Ook zal onderzocht moeten worden wie de leverancier is van de BUK raket lanceerinstallatie. Het is mogelijk dat staten aansprakelijk gehouden kunnen worden voor het leveren van het wapen of het ondersteunen van het gebruik hiervan.
De Duitse verzekeraar Allianz SE is de hoofdverzekeraar van Malaysia MH17  Boeing 777. De leidende verzekeraar voor oorlogsschade is Atrium Underwriting Group. Die partij moet mogelijk gaan uitkeren als de schade veroorzaakt blijkt te zijn door een daad van terrorisme.
In diverse verdragen is geregeld dat passagiers, en in dit geval de nabestaanden, gecompenseerd worden voor hun schade. Mogelijk zijn ook bepalingen van internationaal oorlogsrecht van toepassing, wanneer betrokkenheid van militairen blijkt. Het is van groot belang dat het nog te formeren onafhankelijk onderzoeksteam toegang krijgt tot het gebied en de technische vluchtgegevens zodat de oorzaak van deze tragedie achterhaald kan worden.

Schadevergoeding MH17. De reisorganisatie en eigen verzekeringen

Mogelijk kan ook de reisorganisatie worden aangesproken wanneer via de reisorganisatie (D-reizen, Fox) een pakketreis is geboekt. In dat geval hebben nabestaanden een jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te dienen. Veel passagiers zullen een reisverzekering of overlijdensverzekering hebben afgesloten.
Inmiddels is bekend geworden dat de Nederlandse verzekeraars geen beroep zullen doen op de zogenaamde molest uitsluiting. Dat betekent dat ook uitkeringen op grond van deze verzekeringen kunnen worden geclaimd en dat de verzekeraars dekking verlenen ook wanneer sprake is van molest of terrorisme.

Toepasselijk recht
Welke schadeposten voor vergoeding in aanmerking komen is afhankelijk van de vraag welk recht van toepassing is. Dit kan Nederlands recht zijn maar ook het recht van het land van de bestemming.
Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden recht op vergoeding van de begrafeniskosten en op een vergoeding van het gederfde levensonderhoud. Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden geen recht op vergoeding van affectieschade/smartengeld. Onderzocht zal moeten worden of andere rechtsstelsels van toepassing kunnen zijn die op dit punt wel een vergoeding bieden, zodat een weloverwogen keuze kan worden gemaakt voor het recht van een bepaald land.

Wilt u meer informatie over juridische bijstand Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Dan kunt u contact opnemen met mr Maya Spetter m.spetter@spetteradvocaat.nl  of ons bereiken via 00 31 33 2100112. Ons kantoor heeft veel ervaring in het afhandelen van letselschade als gevolg van vliegtuigongevallen. Mr Maya Spetter is lid van LSA, ASP, de aviation committee van PEOPIL, de Europese vereniging van letselschadeadvocaten, en werkt in grensoverschrijdende zaken samen met gerenommeerde internationale kantoren. Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Lees ook onze artikelen over:
vliegtuigongevallen
Spetter in de media

Lees meer over Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Vliegramp Oekraine 17/7/14 Malaysia Airlines MH17

Update 20 juli 2014
Een vliegtuig van Malaysia Airlines dat op 17 juli 2014 weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland. Onderzocht moet worden wat de oorzaak is van het neerstorten. Waarschijnlijk is het vliegtuig door een aanval vanaf de grond neergeschoten.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Om 16.15 uur Nederlandse tijd verloor het grondpersoneel contact met het toestel. Er waren tot het laatste contact geen aanwijzingen dat het toestel technische problemen had.
Van alle zijden wordt aangedrongen op een onafhankelijk onderzoek. Hopelijk kan dit in de komende dagen worden opgestart.

Snelle juridische actie niet noodzakelijk

Voor nabestaanden staat verwerking van de ramp voorop. Het is niet noodzakelijk snel juridische stappen te zeten en te komen tot aansprakelijkstelling van betrokken partijen. Op grond van het verdrag van Montréal hebben nabestaanden 2 jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te stellen. Tot een bedrag van € 129.200,00 is Malaysian Airways aansprakelijk. Mogelijk moet de vliegtuigmaatschappij volledige schadevergoeding bieden. Dat kan aan de orde zijn wanneer haar verweten kan worden dat zij de vluchtroute na eerdere ernstige incidenten niet heeft aangepast. Dit aspect zal nog worden onderzocht.
Mogelijk kan ook de reisorganisatie worden aangesproken wanneer via de reisorganisatie een pakketreis is geboekt. In dat geval hebben nabestaanden een jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te dienen.

Wilt u meer informatie?

Dan kunt u contact opnemen met mr Maya Spetter (m.spetter@spetteradvocaat.nl) of ons bereiken via 00 31 33 2100112. Ons kantoor heeft veel ervaring in het afhandelen van letselschade als gevolg van vliegtuigongevallen. Mr Maya Spetter is lid van de aviation committee van PEOPIL, de Europese vereniging van letselschadeadvocaten, en werkt in grensoverschrijdende zaken samen met gerenommeerde internationale kantoren.

Vliegramp Oekraine 17/7/14 Malaysia Airlines MH17

Lees ook onze artikelen over;
vliegtuigongevallen
Spetter in de media

nieuwe vliegramp nederland malaysia airlines MH17

MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines

Een vliegtuig van Malaysia Airlines MH17 op 17 juli 2014 weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland. Onderzocht moet worden wat de oorzaak is van het neerstorten. Waarschijnlijk is het vliegtuig door een aanval vanaf de grond neergeschoten.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Om 16.15 uur Nederlandse tijd verloor het grondpersoneel contact met het toestel. Er waren tot het laatste contact geen aanwijzingen dat het toestel technische problemen had.
Van alle zijden wordt aangedrongen op een onafhankelijk onderzoek. De zwarte dozen van het toestel zijn inmiddels gevonden en Oekraïense reddingswerkers zijn inmiddels door de opstandelingen toegelaten tot het gebied.
Volgens een medewerker van de Russische luchtverkeersleiding was het in het gebied sinds een paar dagen verboden om lager dan 7900 m te vliegen. Het vliegtuig vloog waarschijnlijk op 10 km hoogte. Inmiddels hebben diverse luchtvaartmaatschappijen waaronder KLM besloten om niet meer over Oost-Oekraïne te vliegen. In april werd al besloten niet meer over de Krim te vliegen vanwege de onrust aldaar en na waarschuwingen van de Europese en Amerikaanse luchtvaartautoriteiten. Ook Lufthansa heeft besloten de vluchten onmiddellijk om te leiden.
Al eerder werden civiele vliegtuigen uit de lucht geschoten. Meestal was er sprake van een fatale menselijke fout.
De Duitse verzekeraar Allianz SE is de hoofdverzekeraar van Malaysia NH17 de Boeing 777 met 298 passagiers inclusief crew aan boord.
De leidende verzekeraar voor oorlogsschade is Atrium Underwriting Group. Die partij moet mogelijk gaan uitkeren als de schade veroorzaakt blijkt te zijn door een daad van terrorisme.
In diverse verdragen is geregeld dat passagiers, en in dit geval de nabestaanden, gecompenseerd worden voor hun schade. Mogelijk zijn ook bepalingen van internationaal oorlogsrecht van toepassing, wanneer betrokkenheid van militairen blijkt. Het is van groot belang dat het nog te formeren onafhankelijk onderzoeksteam toegang krijgt tot het gebied en de technische vluchtgegevens zodat de oorzaak van deze tragedie achterhaald kan worden.

ziekenhuis letselschade, afhandeling

Afhandeling medische incidenten nog te verbeteren

Na 4 jaar GOMA nog veel te verbeteren aan de afhandeling van een medisch incident
Veel patiënten die te maken hebben gehad met een medisch incident zijn ontevreden over de afhandeling daarvan door de zorgverlener. Dit blijkt uit een onderzoek van De Letselschade Raad naar de bekendheid, toepassing en naleving van de Gedragscode Openheid Medische Incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid (GOMA).
De GOMA werd in 2010 ingevoerd. Het was de bedoeling dat artsen fouten zouden gaan erkennen zonder dat ze daardoor het risico zouden lopen aansprakelijk te worden gesteld. Immers wanneer een arts met zijn patiënt bespreekt dat er een fout of incident is, worden claims voorkomen. Als een incident toch tot een claim leidt, moet de verzekeraar van de arts de schaderegeling snel en goed oppakken. Zo zijn in de GOMA termijnen opgenomen, is vastgelegd hoe informatie moet worden uitgewisseld en hoe de kosten van nader onderzoek worden verdeeld. De grote verzekeraars van ziekenhuizen, MediRisk en Centramed doen mee met de GOMA.

Afhandeling door zorgverlener
Uit het onderzoek van de Letselschade Raad blijkt dat patiënten het wegnemen van negatieve gevolgen voor de gezondheid belangrijk vinden, een onderzoek naar de oorzaak van een incident en het voorkomen van herhaling, het aanbieden van excuses en de beschikking over het volledige medisch dossier. Over al deze punten oordelen de patiënten negatief, dit terwijl de zorgverleners vinden dat zij deze punten wel goed oppakken.

Verzoek tot schadevergoeding
Patiënten geven aan het vooral belangrijk te vinden serieus te worden genomen waar het de impact van het incident op hun leven betreft. Zij vinden dat de verzekeraars van de ziekenhuizen te weinig aandacht hebben voor hun zienswijze en gevoelens. Opvallend is dat de professionals van mening zijn goed met de andere partij te communiceren terwijl die dat niet zo ervaart.

Wat moet er gebeuren?
Als belangenbehartiger valt mij op dat de verzekeraars vrijwel nooit met de patiënt zelf in gesprek gaan. Er wordt veel en lang schriftelijk gecommuniceerd zonder dat er werkelijk stappen in de richting van een regeling worden gezet. Ik heb het in mijn praktijk slechts 2 keer meegemaakt dat er een huisbezoek aan de patiënt plaatsvond om te horen hoe het daarmee was en hoe deze de afhandeling van zijn schade ervoer. Natuurlijk is de beoordeling van aansprakelijkheid anders dan wanneer bijvoorbeeld van een verkeersongeval sprake is. Ttoch zou het goed zijn om de patiënt veel eerder zelf in het traject te betrekken.
Hoewel de grote verzekeraars zeker een slag hebben gemaakt na invoering van de GOMA blijkt de dagelijkse praktijk weerbarstig. Wanneer dossiers volledig zijn aangeleverd duurt het lang voor medische adviezen beschikbaar worden gesteld. Hierdoor kan het zo een jaar duren voordat inhoudelijk wordt gereageerd op een aansprakelijkstelling. Het was juist de bedoeling van de GOMA om dit soort termijnen in te korten. Ook komt een werkelijke communicatie tussen de patiënt en de arts niet op gang. Is de zaak eenmaal overgedragen aan de verzekeraar dan wordt er uitsluitend met de verzekeraar en “over de patiënt” gecommuniceerd. Dit is jammer omdat de patiënt in sommige gevallen de relatie met de arts wil voortzetten en niet begrijpt waarom de beloofde openheid er niet is en waarom hij niet werkelijk wordt gehoord.
Het zou ook goed zijn wanneer de Letselschade Raad zou optreden na signalen. Tot nog toe heeft klagen bij de Letselschade Raad geen zin.
Hopelijk gaat de Letselschade Raad op korte termijn met alle betrokken partijen om tafel om te bespreken hoe er naar de letter èn de geest van GOMA kan worden gehandeld.

slachtoffers, naasten, en, nabestaanden

Meer rechten slachtoffers, naasten en nabestaanden

Staatssecretaris Teeven heeft op 28 mei 2014 een wetsvoorstel bekend gemaakt. Hiermee wil hij slachtoffers en hun naasten een sterkere positie geven. Straks kunnen slachtoffers een ruimere vergoeding krijgen voor de kosten van verzorging, verpleging en begeleiding wanneer hun naasten deze taken op zich nemen. De aansprakelijke partij moet dit dan betalen. Nu is het zo dat een slachtoffer alleen de kosten vergoed krijgt tot het bedrag dat hij kwijt is als professionele hulp zou worden ingeschakeld. Deze vergoeding is in de meeste gevallen lager dan het inkomensverlies dat familieleden lijden voor de tijd die zij niet hebben kunnen werken, omdat zij deze aan de verzorging hebben besteed.

De keuze van familie- of gezinsleden om zorg op zich te nemen, past binnen het streven van het kabinet om mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving te ondersteunen. Het slachtoffer houdt zo ook de regie over de wijze waarop de zorg wordt geregeld.

Verder komt er een vergoeding van affectieschade voor naasten en nabestaanden van slachtoffers met ernstig en blijvend letsel of die zijn overleden door een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. Bijvoorbeeld een verkeersongeluk, medische fout, bedrijfsongeval of geweldsmisdrijf.  De vergoeding van de affectieschade wordt begroot aan de hand van vaste categorieën en ligt tussen de € 12.500,- en € 20.000,-.

Niet iedereen komt in aanmerking voor vergoeding van affectieschade. Teeven gaat uit van een vaste kring van gerechtigden: echtgeno(o)t(e) van het slachtoffer, geregistreerde partner, levensgezel, kinderen en ouders.

Voegingsmogelijkheden voor ouders, naasten en nabestaanden verruimd

Ook ouders van een kind dat slachtoffer is geworden van een seksueel misdrijf of een ander strafbaar feit kunnen zich voegen in het strafproces. Zij kunnen door zich te voegen in het strafproces de kosten voor medische behandeling en begeleiding van hun kind op de dader verhalen. Nu kan dat niet, omdat volgens de wet alleen slachtoffers een verzoek tot schadevergoeding kunnen indienen. Teeven komt hiermee tegemoet aan een wens van de Tweede Kamer naar aanleiding van de Amsterdamse zedenzaak.

Overigens beperkt het voorstel zich niet alleen tot misbruik, ook andere strafbare feiten vallen eronder. Naasten of nabestaanden kunnen zich in het geval van een geweldsmisdrijf met hun vordering tot vergoeding van affectieschade ook voegen in het strafproces. De eenvoudige opzet van de regeling met vaste bedragen en een vaste kring van gerechtigden leent zich daar goed voor.

Wat betekent dit voor de praktijk?

De verruiming van deze voegingsmogelijkheid is goed voor slachtoffers. Het is echter de vraag hoe strafrechters zullen omgaan met deze verruiming. Zij moeten zich straks op de zitting buigen over de strafzaak zelf, maar ook over de verzoeken tot schadevergoeding van deze nieuwe “kring van gerechtigden”. Wat gaat dat betekenen voor de belasting van deze rechters en is het Openbaar Ministerie voldoende toegerust om deze slachtoffers op te vangen? Hoe dan ook zal het een groter beslag leggen op het strafrechtelijk apparaat en moet er veel gebeuren om er voor te zorgen dat een slachtoffer dat zich wil voegen ook goed wordt opgevangen en bijgestaan.

Ons kantoor staat slachtoffers bij ook wanneer zij zich willen voegen in het strafproces. Neem contact met ons op als u meer informatie wilt.

Het volledige wetsvoorstel is terug te vinden op de website van Rijksoverheid, waar ook de memorie van toelichting op het wetsvoorstel terug te vinden is.

 

 

 

Rechtsbijstandverzekering? Goedkoop is duurkoop!

Twee artikelen in de Telegraaf over rechtsbijstandverzekeraars. Wat is er aan de hand? Eerst kwam DAS rechtsbijstand in het nieuws omdat deze zijn klanten een eigen bijdrage in rekening brengt van € 250 tot € 500 wanneer zij zelf een advocaat willen kiezen en de zaak niet laten behandelen door een eigen jurist. DAS probeert zo haar verzekeringen betaalbaar te houden nadat zij een procedure bij het Europese Hof van Justitie heeft verloren waarmee zij had gehoopt het recht van haar klanten op vrije advocaten keuze te beperken.

Vervolgens meldt een klokkenluider in de Telegraaf  dat SRK op allerlei manieren probeert te voorkomen dat klanten een advocaat naar keuze inschakelen. SRK zet liever haar eigen juristen in omdat dat goedkoper is. Deze helpen de klanten intern maar hebben te weinig tijd om de zaken goed te behandelen. Als de klanten willen overstappen naar een advocaat probeert SRK de zaak te rekken zodat het te laat is en de klant niet meer kan overstappen. Volgens de klokkenluider wordt de medewerkers zelfs tijdens trainingssessies geleerd om zo de klanten “binnenboord” te houden. Als de rechtsbijstandverzekeraar een contract sluit met een advocatenkantoor worden de zaken uitbesteed aan onervaren stagiaires. Die zijn natuurlijk ook goedkoop.

Weinig tijd en aandacht
Ook wij merken regelmatig dat rechtbijstandverzekeraars onvoldoende tijd en aandacht hebben voor de individuele letselschade zaak. De letselschade claim moet in zo min mogelijk tijd worden afgewikkeld. Er wordt geprobeerd om snel tot een regeling te komen of deze nu gunstig is voor de klant of niet. De behandelaar wisselt vaak.  Hierdoor blijven zaken te lang onbehandeld. Van persoonlijk contact tussen de behandelaar en het letselschade slachtoffer is nauwelijks sprake.

Goedkoop = duurkoop
Een rechtsbijstandsverzekering lijkt goedkoop. Maar krijgt u ook waar voor uw geld? Vaak wordt niet het maximale uit een zaak gehaald. Hierdoor blijft u voor de rest van uw leven met schade zitten die wél vergoed had moeten worden. Als letselschade slachtoffer heeft u het al zwaar genoeg en moet u er zeker van zijn dat uw zaak in goede handen is.

Heeft u een rechtsbijstandsverzekering en twijfelt u over de gang van zaken? Wilt u een second opinion of de zaak door ons laten behandelen? Neem dan contact met ons op. Wij zullen vrijblijvend samen met u onderzoeken wat uw mogelijkheden zijn.

Zie ook ons artikel over recht op vrije advocaatkeuze 

Spetter letselschade

Persoonlijk Onderzoek door de verzekeraar, wat mag?

Wanneer een verzekeraar een persoonlijk onderzoek verricht naar een verzekerde dient deze de regels van de Gedragscode in acht te nemen. Het Verbond van Verzekeraars heeft een Gedragscode Persoonlijk Onderzoek opgesteld. Deze code is dus een vorm van zelfregulering. Hierin zijn o.a. de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit opgenomen. De gedragscode vindt haar aansluiting bij de bestaande wetgeving over privacy.

Een persoonlijk onderzoek kan alleen plaatsvinden als de verzekerde weigert medewerking te verlenen bij het verzamelen van de juiste informatie met betrekking tot zijn verzekering. Anders is zo’n onderzoek onrechtmatig en levert het een ernstige inbreuk op de levenssfeer  van de verzekerde. Het verzamelde bewijs kan in dat geval niet worden meer worden gebruikt, aldus de Hoge Raad in haar arrest ECLI:NL:HR:2014:942.

Het arrest (Achmea/Verweerder)
In dit arrest  ging het om een verzekerde van Interpolis (de rechtsvoorgangster van Achmea). Op grond van de door hem afgesloten arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) ontving hij een arbeidsongeschiktheidsuitkering.  Interpolis had vragen, maar legde die niet eerst voor aan de verzekerde en stelde direct een persoonlijk onderzoek in. Dit onderzoek werd uitgevoerd door een extern onderzoekbureau. Omdat uit het onderzoek zou blijken dat de verzekerde bewust onjuiste informatie had versterkt, beëindigde Interpolis de uitkering. Interpolis vorderde de reeds betaalde uitkering en vergoeding van de kosten die gemaakt waren van het onderzoeksrapport.

In de procedure bij de Hoge Raad kwam aan de orde of de uitkomst van het persoonlijk onderzoek naar verzekeringsfraude als bewijs mocht worden gebruikt. Het Hof vond van niet. Ter motivering wees het Hof naar de Gedragscode waarin proportionaliteit en subsidiariteit verankerd liggen.  Dit persoonlijk onderzoek leverde een schending van de in de Gedragscode vastgelegde beginselen.

Volgens het Hof mocht de verzekeraar pas tot dit onderzoek overgaan wanneer de verzekerde zijn  medewerking weigerde, wat hier niet het geval bleek.   Ook vond het Hof dat Interpolis geen redelijk vermoeden had van structurele misleiding door de verzekerde. Daarom was het  verworven bewijs onrechtmatig verkregen en mocht dit niet worden gebruikt.

Uitspraak
Interpolis was het niet eens met de uitspraak van het Hof en ging in cassatie bij de Hoge Raad. Deze bevestigde de uitspraak van het Hof en veroordeelde Interpolis in de kosten van het cassatieberoep.
http://bit.ly/1fxDe8j

Letselschade advocaat

Recht op vrije advocaatkeuze

Op 7 november 2013 heeft het Europese Hof van Justitie een arrest gewezen dat belangrijk is voor het recht op vrije advocaat  keuze. Volgens het Hof mag een verzekerde zelf kiezen welke advocaat zijn procedure voert. Hij kan niet verplicht worden zich te laten bijstaan door de advocaat die in dienst is van zijn rechtsbijstandverzekering. Dit recht op vrije advocaat keuze geldt niet alleen voor procedures waarbij rechtsbijstand door een advocaat verplicht is, maar ook voor procedures waarbij rechtsbijstand door een advocaat niet verplicht is (bijvoorbeeld een procedure voor de bestuursrechter of de kantonrechter).

Een verzekerde mag dus zelf zijn advocaat in de arm nemen en de rechtsbijstandverzekering moet zijn kosten vergoeden. Er kunnen dan  wel voorwaarden gesteld worden aan de maximaal door de verzekeraar te vergoeden kosten.

In artikel 4: 67 Wet Financieel Toezicht is het recht van vrije advocaatkeuze verankerd. Rechtsbijstandverzekeraars. De wettelijke bepaling is gebaseerd op Unierecht (de Europese richtlijn 87/344).  Rechtsbijstandverzekeraars meenden dat zij dat recht konden beperken.

De Hoge Raad heeft twee prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie voorgelegd. In de eerste plaats werd gevraagd of een verzekeraar mag bepalen dat de kosten van rechtsbijstand door een eigen advocaat alleen dan onder de dekking vallen indien de verzekeraar van mening is dat de behandeling van een zaak aan een externe rechtshulpverlener moet worden uitbesteed. Ten tweede werd gevraagd of het verschil maakt of voor de procedure wel of niet rechtsbijstand verplicht is.

Het Hof legt de richtlijn zo uit dat de verzekerde in het kader van procedures zelf zijn advocaat moet kunnen kiezen. De door de rechtsbijstandsverzekeraar gehanteerde beperking van de vrije advocaatkeuze is in strijd met de richtlijn.

Zie ook ons artikel Rechtsbijstandverzekering? Goedkoop is duurkoop!

Letselschade advocaten: keurmerk Specialisatie Verenigingen

Letselschade advocaten

Op 27 september 2013 werd tijdens het jaarcongres van de Orde van Advocaten het Ordekeurmerk Specialisatieverenigingen aan zowel de vereniging LSA als aan de vereniging ASP uitgereikt. Met dit keurmerk wil de Orde van Advocaten verdere kwaliteitsverbetering stimuleren en het kwaliteitsbewustzijn verhogen. De Orde heeft het keurmerk aan de specialisatieverenigingen verleend omdat zij het bevorderen van de deskundige beroepsuitoefening door advocaten op het rechtsgebied van de letselschade ten doel hebben. Mr. Maya Spetter is zowel lid van de specialisatievereniging LSA als van ASP. Dat betekent dat zijn ruime ervaring heeft op het specifieke rechtsgebied van de letselschade en een groot deel van haar tijd besteedt aan de behandeling van letselschade zaken. Ook houdt zij haar kennis bij door het volgen van opleidingen op dit rechtsgebied.

Verenigingen van Letselschade advocaten:
LSA
ASP

 

Vliegramp specialist

Letselschade advocaat             Mr. Maya Spetter

Letselschade advocaat bedrijfsongeval: jaarlijks half miljoen werknemers letsel.

Meldingsplicht werkgever arbeidsongeval bij Inspectie SZW

Jaarlijks raken duizenden mensen betrokken bij een arbeidsongeval. Wanneer dit ongeval leidt tot blijvend of dodelijk letsel of tot een ziekenhuisopname, moet de werkgever dat direct melden aan de Inspectie SZW (arbeidsinspectie). Als er te laat of geen melding wordt gedaan, kan de inspectie een boete opleggen. Sinds 1 januari 2013 kan die boete oplopen tot maximaal € 50.000. Voorheen was dat € 4500.

Alle ongevallen die plaatsvinden bij of als gevolg van werkzaamheden worden aangemerkt als arbeidsongeval. Het kan dan gaan om werkzaamheden in een bedrijf of instelling, op een bouwlocatie, op het land, op een erf, bij wegwerkzaamheden, op of in het water enzovoort. Kortom om ongevallen in situaties waarbij werknemers aan het werk zijn.

Een arbeidsongeval moet worden gemeld als het slachtoffer aan de gevolgen overlijdt, blijvend letsel oploopt, of in een ziekenhuis moet worden opgenomen. Ook een dag opname valt hieronder. Een eenmalig bezoek aan de polikliniek niet. Vaak denken werkgevers dat het letsel meevalt en zien zij om die reden van een melding af.  Echter als later alsnog sprake is van een ziekenhuisopname of sprake blijkt van blijvend letsel dat in verband kan worden gebracht met het ongeval, moet de werkgever het ongeval alsnog direct melden. Een dodelijk ongeval moet direct telefonisch worden gemeld.

Werkgevers verzuimen meldingsplicht

De meldingsplicht geldt niet alleen voor de eigen werknemers, maar ook voor personen die onder gezag van de werkgever staan. Denk daarbij aan ingehuurde ZZP’ers,  uitzendkrachten en stagiaires.

Naar aanleiding van de melding kan de Inspectie een onderzoek instellen. Het is ook mogelijk dat de Inspectie de melding alleen registreert en afziet van nader onderzoek.

In 2012 half miljoen werknemers letsel door arbeidsongeval

Uit gegevens van het CBS blijkt dat in 2012 bijna een half miljoen werknemers betrokken is geraakt bij een arbeidsongeval. Zij lopen dan lichamelijke of geestelijke schade op. Bijna de helft van de werknemers verzuimde hierdoor één dag. Bij een derde duurde het ziekteverzuim vier dagen of langer. De meeste ongevallen gebeuren in de bouw en de horeca.

Veel werkgevers melden een arbeidsongeval niet

Spetter advocaat & mediator staat regelmatig werknemers bij (waaronder ook wordt verstaan zzp’ers, uitzendkrachten en stagiaires) die als gevolg van een ongeval tijdens het werk gewond zijn geraakt. Vrijwel nooit zijn deze ongevallen gemeld aan de inspectie. Het is dan zaak om te onderzoeken waarom het ongeval niet is gemeld en wanneer dat aan de orde is, het ongeval alsnog te melden bij de Inspectie. Wanneer het ongeval geruime tijd geleden heeft plaatsgevonden vallen getuigen soms moeilijk te achterhalen. Wanneer u betrokken bent geraakt bij een ongeval op het werk, is het belangrijk dat bewijs niet verloren gaat. Het is verstandig u juridisch te laten adviseren en te onderzoeken of het verstandig kan zijn zelf een melding te doen bij de Inspectie SZW.

Letselschade advocaat bedrijfsongeval

Bent u betrokken geraakt bij een ongeval en wilt u hierover vrijblijvend advies, neem dan contact met ons op. T 033 2100112