Europees Hof vraagt Rusland om opheldering over ramp MH17

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens neemt de klachten van de nabestaanden van de ramp met vlucht MH17 in behandeling. Rusland krijgt van het Hof tot 3 september de tijd voor een schriftelijke reactie op de beschuldigingen.

De nabestaanden zeggen dat Rusland hun grondrechten heeft geschonden, door het neerhalen van het toestel van Malaysia Airlines boven Oekraïne op 17 juli 2014 en het dwarsbomen van het daaropvolgende onderzoek. Ze houden Rusland daarvoor direct of indirect verantwoordelijk, staat in de aanklacht. lees verder

verbod op appen in het verkeer ter bescherming van fietsers tegen ongevallen

Fietsers: een beetje meer geduld en oplettendheid….

 

Fietsers genieten extra bescherming in het verkeer. We zien hen – net als voetgangers – als zwakkere verkeersdeelnemers. Fietsers worden meer beschermd bij een aanrijding met een motorvoertuig. Een fietser is natuurlijk ook kwetsbaarder dan een automobilist.

 

Helaas gedragen fietsers zich daar niet altijd naar en brengen zij met slordig gedrag zichzelf en anderen nogal eens in gevaar. Veel ongevallen met fietsers ontstaan door onoplettendheid. Een beetje meer geduld en rekening houden met elkaar, dat zou goed zijn voor ieders veiligheid.

 

Fietsers door rood en over stoep

We fietsen wat af in ons land. Fietspaden zijn veel drukker dan vroeger. Ondertussen letten fietsers soms meer op hun telefoon dan op andere verkeersdeelnemers. Ze fietsen door rood of over de stoep, luisteren naar muziek, of steken snel nog even over… Een bewoner van de Amsterdamse binnenstad ergerde zich mateloos aan fietsers die constant verkeersregels overtreden en daar ongestraft mee wegkomen. Hij stapte uit onvrede naar de rechter.

 

Gewond door aanrijding met fietser

De Amsterdammer ondervindt voortdurend hinder van fietsers op de stoep en op zebrapaden en is naar eigen zeggen ook geregeld gewond geraakt door aanrijdingen met fietsers, terwijl de politie niet ingrijpt. Daarom voelt hij zich niet veilig op straat en lijdt hij schade. Hij vreest nog eens ernstig letsel op te lopen en mist de zekerheid dat het bevoegde gezag hem zal beschermen. Hij legt een zaak voor aan de rechter.

 

Zijn frustratie is begrijpelijk; de rechter stelt dan ook voorop dat fietsers in Amsterdam geregeld verkeersregels overtreden en dat die overtredingen in veel gevallen onbestraft blijven. Alleen heeft dit begrip voor zijn zaak hem niet verder geholpen. Het is de taak van de burgemeester, de hoofdofficier van justitie en de hoofdcommissaris van de politie om afspraken te maken over de inzet van politie, de handhaving van regels en het kiezen van prioriteiten en de rechter kan dit beleid slechts marginaal toetsen.

 

Meer fietsers om het leven gekomen

In 2017 kwamen 206 fietsers om het leven in het verkeer, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dat waren er 17 meer dan in 2016 en het hoogste aantal in tien jaar tijd. Het aantal fietsers dat ernstig gewond raakte in dat jaar wordt door de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid geschat op zo’n 10.000, de helft van het totaal aantal verkeersgewonden.

 

Veiliger op de fiets, prettiger voor iedereen

Wij denken dat het goed zou zijn als iedereen in het verkeer wat meer rekening houdt met elkaar. Een beetje opvoeding op dit gebied kan geen kwaad. We kunnen ons dan ook helemaal vinden in het advies van de Fietsersbond. Zij zeggen: “Ook zo’n last van anderen in het verkeer? En anderen misschien van jou? Het kan op een simpele manier veel veiliger en prettiger. Het enige wat we hoeven te doen, is iets meer oog voor elkaar hebben, letterlijk en figuurlijk. Vriendelijkheid in het verkeer gaat over kijken, gebaren maken, laten zien wat je van plan bent, en elkaar de ruimte en de tijd geven. Hoffelijk gedrag zorgt voor mooie momenten op de weg en is aanstekelijk.”

 

Fietsongevallen en app-verbod

Veel ongevallen en aanrijdingen met fietsers ontstaan door onoplettendheid, haast, appen, alcohol, muziek luisteren, praten met anderen en niet op andere verkeersdeelnemers letten.

 

Wat betreft appen op de fiets: dat is per 1 juli 2019 verboden, als het aan minister Cora van Nieuwenhuizen van infrastructuur en waterstaat ligt.

Volgens de Fietsersbond is er nooit verband aangetoond tussen mobielgebruik op de fiets en verkeersongevallen. Er zouden zelfs signalen zijn dat appende fietsers door hun lagere snelheid minder snel brokken maken. Wel zijn er veel klachten over appende fietsers die slingeren, niet goed rechts houden of blijven staan voor een groen verkeerslicht. De Fietsersbond is niet tegen een verbod op appen op de fiets, maar heeft wel twijfels of dit goed te handhaven is en roept fiets

moedeloos, ongeluk

Letselschade advocaat inschakelen voor het beste resultaat.

Letselschade advocaat inschakelen voor het beste resultaat.

 

Schade claimen na een ongeval kan behoorlijk gecompliceerd zijn, zoals deze cliënt heeft ervaren. Juridische bijstand van een gespecialiseerde letselschade advocaat bleek onontbeerlijk om de schadevergoeding te krijgen waar dit slachtoffer recht op had.

 

Heeft u letselschade en is een ander hiervoor aansprakelijk? Als u een letselschade advocaat in de arm neemt, is de kans het grootste dat u een eerlijke vergoeding voor al uw materiële en immateriële letselschade tegemoet kunt zien. Uw juridische kosten zijn voor rekening van de verzekeraar van de aansprakelijke tegenpartij.

 

Waarom letselschade advocaat inschakelen

Een letselschade advocaat kan per definitie meer betekenen voor slachtoffers met letselschade dan andere schaderegelaars en letselschade juristen. Alleen een advocaat kan namens u naar de rechter stappen om een procedure te starten. Letselschade advocaten zijn verplicht hun kennis up-to-date te houden en steken daar veel tijd in. Zij zijn altijd op de hoogte van de laatste juridische ontwikkelingen en weten dat optimaal in uw voordeel te benutten. Ook is een advocaat beter in staat om uw totale letselschade nauwkeurig te berekenen, zeker als er sprake is van een medisch dossier en wanneer u smartengeld wilt claimen.

 

Hoogst mogelijke vergoeding letselschade

Een letselschade advocaat gaat veel minder snel akkoord met een voorstel dat de verzekeraar van de tegenpartij u voorlegt, omdat een advocaat kan procederen om ervoor te zorgen dat u een hogere schadevergoeding krijgt. Waar anderen mogelijk genoegen nemen met een lagere schikking, zal een advocaat de gang naar de rechter niet schuwen. Ook verzekeringsmaatschappijen weten dat. Daarom staat u van meet af aan sterker wanneer u direct een letselschade advocaat bij materiële en immateriële letselschade inschakelt. Met een advocaat bent u verzekerd van de hoogst mogelijke schadevergoeding voor uw materiële schade en voor lichamelijk en psychisch letsel.

 

Berekenen van letselschade

Het berekenen van letselschade is maatwerk. Daar heeft u echt een specialist voor nodig. Een advocaat heeft op dit gebied de meeste kennis in huis. Ook weten wij wat de uitgangspunten zijn waar rechters naar kijken bij letselschade zaken en procedures rond schadeberekeningen. Als gespecialiseerde letselschade advocaat kunnen wij beter beoordelen of de schadevergoeding die u aangeboden krijgt niet te laag is. Zo krijgt u – eventueel via de rechter – een schadevergoeding die het meest in de buurt van uw werkelijke schade komt.

 

Kwaliteit gegarandeerd

Advocaten moeten – in tegenstelling tot andere letselschade regelaars – voldoen aan strenge en hoge eisen op het gebied van opleiding, kennis en kwaliteiten. Maya Spetter is lid van de LSA, de toonaangevende vereniging van Letsel Schade Advocaten. Lidmaatschap van de LSA is voor een letselschade advocaat het hoogst haalbare keurmerk, leden moeten aantoonbaar voldoen aan hoge kwaliteitseisen.

Maya Spetter i ook lid van de ASP, een actieve vereniging van gespecialiseerde letselschade advocaten die uitsluitend voor slachtoffers opkomen. Leden van beide verenigingen zijn zeer actief waar het gaat om de versterking van de positie van slachtoffers en dragen het keurmerk specialisatieverenigingen van de Nederlandse orde van Advocaten.

 

Medische kennis in letselschade zaken

Medisch inzicht is noodzakelijk bij letselschade zaken met lichamelijk en psychisch letsel. Bijvoorbeeld bij het vaststellen van een rechtvaardig bedrag aan smartengeld. Daarom is mr. Spetter ook lid van de WAA, de Werkgroep Artsen Advocaten. Medische aspecten bij letselschadezaken zijn niet te onderschatten.

 

Smartengeld bij immateriële schade

Peopil is een Europese organisatie die zich inzet voor betere wetgeving rond letselschade en het uitwisselen van juridische kennis. Dit is met name belangrijk bij het claimen van smartengeld. Nederland loopt vergeleken bij andere Europese landen behoorlijk achter op het gebied van smartengeld bij immateriële schade. Als advocaat en lid van Peopil zijn wij in staat dit bij een rechter aan te kaarten en op basis van onze kennis gedegen te procederen over de hoogte van smartengeld.

Erasmus MC cryoballon

Inspectie kritisch over Rotterdamse ballonstudie in Erasmus MC

Een ferme tik met een zachte hand, zo oogt het oordeel van de Inspectie voor de Gezondheidszorg over de eerste operaties met een zogeheten cryoballonkatheter in het Erasmus MC. De inspectie legt het universitair medisch centrum in Rotterdam maatregelen op, die het belang van patiënten op de afdeling cardiologie beter moeten waarborgen. Tegelijkertijd laat de inspectie in het midden of patiënten een toestemmingsformulier hadden moeten tekenen voor de behandeling van hartritmestoornissen, die een decennium terug nieuw was.

Dat de inspectie zich niet uitlaat over deze cruciale kwestie, is naar eigen zeggen omdat „het heel moeilijk is om de gebeurtenissen van zo lang geleden te reconstrueren”. Dat roept de vraag op wat de inspectie dan precies heeft gedaan om de gang van zaken van toen te achterhalen. Minder dan had gekund, zo leert het rapport.

De zaak werd aangezwengeld door een cliënt van ons kantoor die met deze nieuwe methode in het EMC werd behandeld. Dit leidde tot een levensbedreigende complicatie. Tot zeer recent ontkende het EMC dat hij één van de 141 patiënten was die betrokken waren in het onderzoek.

Lees het artikel in NRC

Erasmus MC cryoballon

Erasmus MC op vingers getikt in verband met cryoballon

Het Erasmus MC in Rotterdam moet het belang van patiënten in medisch-wetenschappelijk onderzoek beter waarborgen. Het ziekenhuis moet daarvoor de interne procedure aanscherpen en de werkwijze op de hartafdeling doorlichten. Het zijn maatregelen die het ziekenhuis krijgt opgelegd door de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

De inspectie deed afgelopen maanden onderzoek naar een nieuw operatie-instrument dat het ziekenhuis vanaf 2005 gebruikte. De aanleiding was een artikel afgelopen najaar in NRC waaruit bleek dat 141 hartpatiënten van 2005 tot en met 2007 zonder het te weten hadden deelgenomen aan een medisch-wetenschappelijk onderzoek.

De zaak werd aangezwengeld door een cliënt van ons kantoor die met deze nieuwe methode in het EMC werd behandeld. Dit leidde tot een levensbedreigende complicatie. Tot zeer recent ontkende het EMC dat hij één van de 141 patiënten was die betrokken waren in het onderzoek.

Lees het artikel in NRC

Interview met Pauline van Dulken, cliënte van Spetter Advocaat, in blad HulpPost over het belang van actieve schaderegeling, tegenwerking door verzekeraars.

Interview cliënte in HulpPost

Openhartig interview met Pauline van Dulken, cliënte van Spetter Advocaat & Mediator, in blad HulpPost van Fonds Slachterofferhulp over het belang van erkenning en actieve schaderegeling versus tegenwerking door verzekeraars.

U leest in deze editie op pagina 10 van de HulpPost een interview met Pauline, die door een ongeluk blijvend letsel heeft terwijl de verzekering niets wil uitkeren.

 

Erasmus MC

Erasmus MC; instrument getest op onwetende patiënten.

Erasmus MC: Nieuw operatie-instrument getest op onwetende patiënten.

Dat is de kop van een artikel in de NRC van 23 september 2016. Eén van deze patiënten van Erasmus MC is mijn cliënt. Tijdens de operatie die hij 2007 in het EMC ondergaat wegens boezemfibrillatie ontstaat een levensbedreigende complicatie met blijvende negatieve gevolgen voor zijn gezondheid.  Zijn longader scheurt na het inbrengen van een cryoballon.

Tussen augustus 2005 en augustus 2007 onderzoeken artsen in het Erasmus MC de veiligheid en de werking van de cryoballon. In een publicatie over deze studie waarbij 141 patiënten zijn betrokken, schrijven de artsen “we are now publishing the first human data in this field”.  

Mijn cliënt wist niet dat hij met een nieuw instrument werd geopereerd waarvan de veiligheid en werking getest werd. Aangesproken door mijn cliënt voor de ernstige complicatie erkent het Erasmus MC geen aansprakelijkheid. Volgens het Erasmus MC hoefde het onderzoek waarvan cliënt deel uitmaakte niet te worden gemeld bij de Centrale Commissie Medisch Onderzoek.

Dit hoewel de onderzoekers zelf zeggen dat het gaat om een prospectieve studie naar de veiligheid en haalbaarheid van de nieuwe techniek.

De Wet Medisch Wetenschappelijk Onderzoek (WMO) schrijft voor dat voor medisch wetenschappelijk onderzoek met patiënten toestemming nodig is van een medisch ethische toetsingscommissie. Die vallen allen onder de landelijke Centrale Commissie Medisch Onderzoek (CCMO).

Patiënten moeten natuurlijk geïnformeerd worden over de risico’s van een niet reguliere behandeling, zodat ze weloverwogen kunnen beslissen over die behandeling. Bovendien dient een goede verzekering te worden afgesloten voor deze patiënten. Ontstaan er ernstige complicaties dan vergoedt de verzekeraar de schade.

Het Erasmus MC is van mening dat de patiënten niet geïnformeerd hoefden te worden omdat zij niet extra werden belast.  In een reactie zegt het ziekenhuis dat er geen medisch wetenschappelijk onderzoek werd gedaan en dat er daarom geen toestemming nodig was van een medisch ethische commissie en van de patiënten zelf. De publicaties zouden zijn gedaan in een terugkijkonderzoek (retrospectief). Omdat er geen onderzoeksopzet was, hoefden de patiënten niets te tekenen. Dit strookt echter niet met de publicaties van de betrokken artsen waarin staat dat iedere patiënt die met de nieuwe methode werd behandeld een informed consent formulier heeft getekend.

Wanneer het geen observationeel onderzoek is, is wel degelijk toestemming nodig van een medisch ethische commissie èn natuurlijk ook van de patiënten. Op dit moment bereid ik namens mijn cliënt een procedure voor om meer duidelijkheid te krijgen en een vergoeding voor zijn letselschade.

Lees verder de artikelen van NRC, NOS, Volkskrant, RTL en NU.NL

NRC 23 september 2016
NOS 24 september 2016
RTL 24 september 2016 
Volkskrant 25 september 2016
nu.nl 25 september 2016Erasmus MC

 

 

 

German, Wings, vliegramp

Vliegramp Germanwings vlucht 4U9525

Op 24 maart 2015 is een toestel van Germanwings neergestort in de Franse Alpen. Hierdoor zijn 150 levens te betreuren.

Het vliegtuig werd bestuurd door een gezagvoerder die meer dan 10 jaar voor Lufthansa werkte en meer dan 6000 vlieguren had gemaakt. De copiloot was Andreas Lubitz, een 27-jarige man die sinds september 2013 voor Germanwings werkte als copiloot en ongeveer 630 vlieguren had gemaakt.

Inmiddels staat vast dat de copiloot zwaar depressief was en het toestel heeft laten neerstorten. Hij heeft gewacht tot de gezagvoerder naar het toilet ging en hij alleen in de cockpit was. Lubitz deed de deur van de cockpit op slot zodat niemand van buitenaf de cockpit in kon en liet het toestel dalen.. De gezagvoerder heeft geprobeerd om de deur te forceren, tot het moment dat het vliegtuig neerstortte in de Franse Alpen.

Maya Spetter staat nabestaanden bij in de juridische afwikkeling van deze vliegramp. Daarin wordt samengewerkt met het Amerikaanse advocatenkantoor van Kreindler & Kreindler. Dit kantoor is een procedure gestart in Arizona (VS) tegen de vliegschool waar Lubitz zijn opleiding heeft genoten. Dit is het Airline Training Centre, een onderdeel van Lufthansa.

Wilt u meer lezen over deze procedure, lees dan het persbericht dat Kreindler & Kreindler heeft verspreid.

Smartengeld

Smartengeld in 2016.

Smartengeld in 2016, een rimpeling in stilstaand water?

De smartengeldvergoedingen die in Nederland worden uitgekeerd, blijven in vergelijking met de ons omringende landen achter. De ontwikkeling in de hoogte van het smartengeld houdt zelfs de inflatie niet bij. Sommigen spreken daarom ook van stilstaand water. Het is nodig dat de vergoedingen in Nederland worden verhoogd, zoals dit ook gebeurt in de ons omringende landen. De Hoge Raad heeft aanwijzingen gegeven voor het begroten van smartengeld. Eén daarvan is dat gelet moet worden op de vergoedingen die in vergelijkbare gevallen zijn toegekend en op de maximaal toegekende bedragen. Dit wordt gezien als één van de oorzaken van het lage niveau van het smartengeld in Nederland. Recent is er een positieve trend waarneembaar. Hieronder wordt een aantal recente zaken kort besproken.

Het UMC Utrecht heeft een schadevergoeding van € 350.000 als vergoeding immateriële schade betaald aan een vrouw, als gevolg van een medische fout. Het ziekenhuis had zonder haar medeweten haar weefsel onderzocht en ontdekte hierin kwaadaardige cellen. Pas twee jaar na deze ontdekking is aan de vrouw medegedeeld dat zij kanker heeft. Deze mededeling kwam te laat, de vrouw was op dat moment reeds ongeneeslijk ziek. Dit is tot op heden het hoogste bedrag aan smartengeld dat is uitgekeerd in Nederland. Hierbij wordt opgemerkt dat dit bedrag tot stand is gekomen in onderhandelingen tussen het UMC Utrecht en de vrouw.

Doorgaans zijn de bedragen aan smartengeld die worden toegewezen door de rechters in Nederland aanzienlijk lager. Het hoogste bedrag aan immateriële schade dat tot op heden door een rechter werd toegewezen is € 200.000. Dit gebeurde in 2015 in een strafzaak waarbij een man ernstige brandwonden opliep, nadat drie mannen een molotovcocktail door het raam van de woning van de man hadden gegooid. De man lag tijdens dit voorval op zijn bed. Hij liep hierdoor eerste en tweedegraads brandwonden op over een groot deel van het huidoppervlak.

Smartengeld vaststellen vereist deskundige bijstand

Indien u letsel oploopt als gevolg van bijvoorbeeld een ongeval, laat u dan goed informeren over de mogelijkheden van een schadevergoeding voor smartengeld. Voordat u akkoord gaat met het onderhandelingsvoorstel van de wederpartij, is het verstandig om uw gehele schade in kaart te laten brengen door een letselschadeadvocaat. Deze zal ervoor zorgen dat u als slachtoffer niet tekort wordt gedaan. U heeft recht op een volledige schadevergoeding. Het is belangrijk dat alle elementen die de hoogte van het smartengeld bepalen goed en deskundig in kaart worden gebracht door een letselschadespecialist.

Deskundig advies nodig over smartengeld?

Neem vrijblijvend contact met ons op om u te laten adviseren.

www.spetteradvocaat.nl

Smartengeld 2016

Smartengeld in 2016, een rimpeling in stilstaand water?

MH17 kernteam interview Verkeersrecht

Interview Verkeersrecht met het kernteam MH17
VR 2015/77
15-07-2015



Samenvatting
De redactie van Verkeersrecht heeft schriftelijk een aantal vragen voorgelegd aan het kernteam. Twee leden van het kernteam, mr. A.F. Collignon en mr. M.T. Spetter, hebben een reactie geschreven in nauw overleg met de overige kernteamleden. In verband met de geheimhoudingsplicht is het niet mogelijk om op alle vragen een uitgebreid antwoord te geven.

Hoe en waarom is jullie kernteam tot stand gekomen?
In de afgelopen 20 jaar heeft zich een aantal vliegrampen[1.] voorgedaan waarbij veel Nederlandse slachtoffers waren te betreuren. De ervaring heeft geleerd dat het voor de slachtoffers en nabestaanden van belang is dat advocaten samenwerken en een gemeenschappelijke strategie bepalen. Op die manier worden krachten gebundeld. Dit is ook het geval met de ramp met de MH17. Bovendien leert de ervaring dat na elke ramp zich zogenoemde ambulance chasers[2.] aandienen die nabestaanden gouden bergen beloven. Door in een vroeg stadium een kernteam te formeren wordt voorkomen dat slachtoffers en nabestaanden overhaast met dergelijke partijen in zee gaan.
Het kernteam is opgericht op initiatief van de specialisatie-verenigingen LSA[3.] en ASP[4.]. Beide specialisatieverenigingen hebben advocaten benaderd die aantoonbaar ervaring hebben met de afwikkeling van (internationale) letsel- en/of overlijdensschade als gevolg van vliegtuigongevallen.

Wie zitten erin?
In het kernteam zitten Antoinette Collignon, Sander de Lang, Peter Langstraat, Veeru Mewa, Maya Spetter en Evert Wytema.
Hoe ziet het kernteam zijn taak?
De taak van het kernteam is om vanuit hun aantoonbare internationale expertise de krachten te bundelen en onderwerpen te inventariseren die individuele zaken overstijgen. Het kernteam bepaalt over deze onderwerpen een gemeenschappelijk beleid.
Het kernteam adviseert ook over aansprakelijkheid van andere partijen naast Malaysia Airlines (verder: MAS).

Wat doen jullie feitelijk?


Omdat wij zelf het merendeel van de nabestaanden bijstaan, zijn wij goed op de hoogte van de problemen die in meerdere dossiers spelen. Sinds de oprichting van het kernteam is er contact en overleg met diverse betrokken partijen, waaronder de advocaten van MAS, Slachtofferhulp Nederland, De Stichting Vliegramp MH17, het OM, experts en buitenlandse advocaten die nabestaanden bijstaan.
Inmiddels overleggen wij op regelmatige basis met de advocaten van MAS en proberen wij afspraken te maken die in het belang zijn van alle Nederlandse nabestaanden.
Ook informeren wij advocaten die niet in het kernteam zitten maar wel lid zijn van ASP of LSA over de uitkomst van het overleg met de diverse instanties en de gemaakte werkafspraken.

Kunnen jullie iets zeggen over het vraagstuk van toepasselijk recht?


De onderhandeling met de advocaten van MAS vindt plaats op basis van de vervoersovereenkomst. In de meeste zaken zal het Verdrag van Montreal[5.] van toepassing zijn. In dit verdrag is het toepasselijke recht niet geregeld. Dit betekent dat per vorderingsgerechtigde beoordeeld moet worden welk recht van toepassing is. Op dit moment onderzoeken wij de diverse mogelijk toepasselijke rechtsstelsels, zodat op basis daarvan onderhandeling kan plaatsvinden met MAS.
Ook voor de andere mogelijke aansprakelijke partijen wordt door ons onderzocht welk recht op de vordering van toepassing is.

Komen jullie vraagstukken tegen in familieverband aan wie uitkeringen moeten worden gedaan (bijvoorbeeld bij samengestelde gezinnen)? Zo ja, hoe wordt daarmee omgegaan?

Ja, dat komt veel voor. De advocaten van MAS hebben een voorschotregeling opgesteld die is gebaseerd op het erfrechtelijk systeem. Wil men voor een voorschot in aanmerking komen, dan verlangt MAS dat de nabestaanden het eens zijn over de wijze van betaling en verdeling van het voorschot. Omdat een erfrechtelijke verdeling niet altijd overeenstemt met een verdeling op basis van schadevergoeding aan de vorderingsgerechtigden, ontstaan complexe discussies. Zie hiervoor ook het artikel in WPNR over samenloop tussen afwikkeling van de nalatenschap en uitkeringen aan nabestaanden.[6.] Per zaak wordt vaak in samenspraak met een notaris of familierecht-advocaat bekeken hoe tot een oplossing kan worden gekomen. Ook vindt in sommige zaken mediation plaats tussen familieleden of families.

Hoe gaan jullie om met verschillende rechtssystemen, bijvoorbeeld op het gebied van affectieschade?


Wij onderzoeken alle mogelijkheden en kijken daarbij zeker naar de verschillende rechtssystemen. Er zijn niet alleen verschillen in de hoogte van de schadevergoeding voor smartengeld en affectieschade, maar ook de kring van gerechtigden verschilt per land. Ditzelfde geldt voor andere schadeposten zoals bijvoorbeeld gederfd levensonderhoud en buitengerechtelijke kosten.

Zijn er contacten met de overheid?


Er is contact met de Nederlandse zaakofficieren die het strafrechtelijk onderzoek doen. Uiteraard is zowel de uitkomst van het Onderzoek door de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) als de uitkomst van het strafrechtelijk onderzoek van groot belang. Onze cliënten vinden het belangrijk dat de daders worden berecht en dat de onderste steen boven komt. Met de officieren hebben wij bijvoorbeeld overleg over een mogelijkheid tot voeging, spreekrecht etc. door onze cliënten in een eventuele te entameren strafrechtelijke procedure. In september 2014 heeft de Onderzoeksraad haar rapport van eerste bevindingen gepubliceerd.[7.] De Onderzoeksraad moet binnen twee jaren na 17 juli 2014 haar eindrapport publiceren. Wij hopen dat het rapport binnen enkele maanden gereed zal zijn. Uiteraard zijn de uitkomsten van zowel het onderzoek door de Onderzoeksraad als van het internationale opsporingsteam, het joint investigation team, van belang voor het aansprakelijk houden van de daders.[8.] Een partij kan een OvV-onderzoeksrapport als zodanig niet rechtstreeks als bewijs inbrengen. Echter kunnen de conclusies van het rapport wel worden overgenomen in het eigen processtandpunt.[9.]
Wij worden door de NOVA op de hoogte gehouden van alle ontwikkelingen bij de overheid in het MH17-dossier, middels een wekelijkse update. Ook hebben wij contact met Tweede Kamerleden.

Hoe verloopt de relatie met Slachtofferhulp Nederland?


Met Slachtofferhulp Nederland (SHN) bestaan nauwe contacten. Bestuursleden van ASP en LSA hebben, voor zover nodig, persoonlijk contact met SHN. SHN heeft veel en goed werk verricht. Veel families hebben contact met een casemanager van SHN. SHN heeft een uitgebreide website gemaakt met veel informatie en een besloten forum voor nabestaanden. Wij voorzien SHN van informatie die vervolgens door SHN op het forum wordt geplaatst. Hierdoor worden ook in het buitenland woonachtige nabestaanden bereikt en Nederlandse nabestaanden die geen rechtsbijstand verlener hebben ingeschakeld.
Wanneer dat nodig is helpen wij Slachtofferhulp Nederland bij bijeenkomsten voor nabestaanden door daar informatie te verstrekken.

Voetnoten
[1.]    Onder andere Faroramp (1992), Herculesramp (1996), Turkish Airlines TK 1951 (2009), Tripoli (2010) en MH17 (17 juli 2014).
[2.]    Overigens zowel uit binnen- als buitenland.
[3.]    De Vereniging van Letselschade Advocaten.
[4.]    De Vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade.
[5.]    Verdrag tot het brengen van eenheid in enige bepalingen inzake het internationale luchtvervoer, Montreal, 28-05-1999.
[6.]    Prof. mr. J.W.A. Biemans, mw. mr. dr. I. Koning, mw. mr. dr. R. Rijnhout, WPNR 24 januari 2015/7047, p. 73-82.
[7.]    De rapporten van de Onderzoeksraad voor Veiligheid zijn openbaar en beschikbaar via www.onderzoeksraad.nl
[8.]    In dit joint investigation team zitten Nederland, België, Oekraïne, Maleisië en Australië.
[9.]    Zie hiertoe ook het artikel van prof. mr. T. Kooijmans, prof. mr. dr. T.F.E. Tjong Tjin Tai en prof. mr. B.W.N. de Waard, NJB februari 2015, afl. 5, p. 296-305.

www.spetteradvocaat.nl

Juridische afhandeling schadevergoeding nabestaanden: kernteam MH17

Een vliegtuig van Malaysia Airlines dat op 17 juli 2014 weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland. Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren. Dit is een grote tragedie. Wij betuigen de familieleden van de passagiers en de bemanningsleden onze oprechte deelneming. Het opzettelijk of per vergissing neerhalen van een burgervliegtuig is onacceptabel en valt niet te rechtvaardigen.

Kernteam MH17 gevormd met ervaren letselschade advocaten

Het is belangrijk dat u een letselschadeadvocaat in de arm neemt die goed op de hoogte is van internationale regelgeving en ervaring heeft met de juridische afhandeling en het verlenen van rechtsbijstand aan slachtoffers en nabestaanden van de vliegramp.

De specialisatieverenigingen van letselschade advocaten  LSA en ASP hebben met Slachtofferhulp Nederland en de Raad voor Rechtsbijstand afspraken gemaakt over de vorming van een kernteam dat de nabestaanden van de ramp gaat bijstaan. Zij hebben allen ervaring in de afhandeling van schade na internationale vliegrampen. Het team bestaat uit zes advocaten en Maya spetter is één van de advocaten die deel uitmaakt van dit internationale kernteam. Hier leest u over het kernteam in het advocatenblad. De advocaten behartigen de algemene juridische belangen van de nabestaanden en behandelen vragen die de individuele belangen overstijgen, ontwikkelen een aanpak voor het verkrijgen van een schadevergoeding en zorgen voor kennis uitwisseling met andere betrokkenen advocaten. Het kernteam gaat proberen om met Malaysia Airlines afspraken te maken over punten die voor alle nabestaanden spelen.

Hoe zit het met de aansprakelijkheid en wie betaalt een schadevergoeding?

Op grond van het verdrag van Montréal dient Malaysia Airlines de nabestaanden te ondersteunen en compenseren. Nabestaanden hebben 2 jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te stellen (middels een procedure). Tot een bedrag van € 130.000,00 is Malaysian Airways aansprakelijk, ongeacht schuld of nalatigheid. Mogelijk moet de vliegtuigmaatschappij volledige schadevergoeding bieden. Dat kan aan de orde zijn wanneer haar verweten kan worden dat zij de vluchtroute na eerdere ernstige incidenten niet heeft aangepast. Dit aspect zal ongetwijfeld worden onderzocht.

Malaysia Airlines heeft aan de nabestaanden een eerste voorschot betaald en heeft toegezegd een aanvullend voorschot van 50.000 USD/ € 37.000 te betalen. Voordat het voorschot wordt betaald dienen de nabestaanden verschillende formulieren te ondertekenen bij een notaris. De voorschotregeling bevat geen keuze voor een bepaald rechtssysteem.

De reisorganisatie en eigen verzekeringen

Mogelijk kan ook de reisorganisatie worden aangesproken wanneer via de reisorganisatie (bijvoorbeeld D-reizen, Fox) een pakketreis is geboekt. In dat geval hebben nabestaanden een jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te dienen. Veel passagiers zullen een reisverzekering of overlijdensverzekering hebben afgesloten waarop een beroep kan worden gedaan.

Inmiddels is bekend geworden dat de Nederlandse verzekeraars geen beroep zullen doen op de zogenaamde molest uitsluiting. Dat betekent dat ook uitkeringen op grond van deze verzekeringen kunnen worden geclaimd en dat de verzekeraars dekking verlenen ook wanneer sprake is van molest of terrorisme.

Toepasselijk recht

Welke schadeposten voor vergoeding in aanmerking komen is afhankelijk van de vraag welk recht van toepassing is. Dit kan Nederlands recht zijn maar ook het recht van het land van de bestemming.

Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden recht op vergoeding van de begrafeniskosten en op een vergoeding van het gederfde levensonderhoud. Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden geen recht op vergoeding van affectieschade. Onderzocht zal moeten worden of andere rechtsstelsels van toepassing kunnen zijn die op dit punt wel een vergoeding bieden, zodat een weloverwogen keuze kan worden gemaakt voor het recht van een bepaald land. Het kernteam zal de verschillende opties in kaart brengen.

Schuldvraag

Op dit moment is de toedracht van de ramp nog niet duidelijk. Uit het rapport van eerste bevindingen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid blijkt dat het vliegtuig is doorboord door een groot aantal voorwerpen met hoge energie van buiten en daardoor is neergestort. Het is nog te vroeg om een volledig antwoord te geven over de vragen over de aansprakelijkheid en de hoogte van de schadevergoeding. Eerst zullen de onderzoeken moeten worden afgerond. Daarbij zal een aantal aspecten worden onderzocht.

Vliegverbod?

Na de ramp hebben diverse luchtvaartmaatschappijen waaronder KLM besloten om niet meer over Oost-Oekraïne te vliegen. In april werd al besloten niet meer over de Krim te vliegen vanwege de onrust aldaar en na waarschuwingen van de Europese en Amerikaanse luchtvaartautoriteiten. Ook Lufthansa heeft besloten de vluchten  onmiddellijk om te leiden. De FAA (Federal Aviation Administration) heeft waarschuwingen doen uitgaan en bepaalde delen van het Oekraïense luchtruim niet veilig verklaard voor burgervliegtuigen. Dit is een aspect dat wordt onderzocht door de Onderzoeksraad.

Feitelijke daders?

Ook zal onderzocht moeten worden waardoor het vliegtuig werd geraakt.  Er vindt op dit moment ook een strafrechtelijk onderzoek plaats waarbij een groot aantal Nederlandse officieren van justitie is betrokken. Ook worden diverse internationale organisaties bij het onderzoek naar de toedracht betrokken. Het is mogelijk dat staten aansprakelijk gehouden kunnen worden voor het leveren van een wapen of het ondersteunen van het gebruik hiervan. Mogelijk zijn ook bepalingen van internationaal oorlogsrecht van toepassing, wanneer betrokkenheid van militairen blijkt.

Wilt u meer informatie?

Neemt u gerust contact met ons op via e-mail: m.spetter@spetteradvocaat.nl of bel
033 2100112. Ons kantoor heeft veel ervaring in het afhandelen van letselschade als gevolg van vliegtuigongevallen. Mr Maya Spetter is lid van LSA, ASP, en door deze verenigingen gevraagd om deel uit te maken van het Kernteam MH17. Verder is zij lid van de aviation committee van PEOPIL, de Europese vereniging van letselschadeadvocaten en werkt zij in grensoverschrijdende zaken samen met gerenommeerde internationale advocaten kantoren samen.

kernteam MH17 gevormd

Letselschade schadevergoeding

Slachtoffer krijgt ruim € 8.000 schadevergoeding

Een verjaardagsfeestje medio 2012 in Hilversum loopt na een ruzie tussen 2 kinderen uit op een vechtpartij. Een vrouw wordt met een hard voorwerp tegen haar hoofd geslagen en raakt buiten bewustzijn. Als zij weer bij komt blijkt een aantal tanden uit haar mond te zijn.

Op 9 oktober 2014 werd de zaak tegen de verdachte behandeld door de politierechter te Lelystad. Deze  veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van 6 maanden waarvan 3 voorwaardelijk. Hij achtte bewezen dat hij het slachtoffer met een hard voorwerp heeft geslagen. Hierdoor kreeg het slachtoffer kaakletsel en raakten 13 tanden los of beschadigd. Mr. Spetter, letselschade advocaat  vorderde namens het slachtoffer schadevergoeding in de strafzaak. De verdachte werd veroordeeld tot een schadevergoeding van ruim € 8.000 voor de kosten van de tandheelkundige behandeling en smartengeld. Ook werd een schadevergoedingsmaatregel uitgesproken. Dat betekent dat het CJIB de vordering incasseert en zorgt dat de schadevergoeding op de rekening van het slachtoffer wordt gestort.

Lees hier artikel Dichtbij. 

Schadevergoediing en bijstand

Schadevergoeding en Bijstand?

Wanneer iemand een bijstandsuitkering heeft (Wet Werk en bijstand) mag hij maximaal € 5.850,- aan vermogen hebben als alleenstaande. Personen die een gezamenlijke huishouding voeren mogen maximaal € 11.600 vermogen hebben. Is het vermogen hoger, dan vervalt het recht op bijstand.

Letselschade en schadevergoeding

Wat als een slachtoffer van letselschade een bijstandsuitkering (WWB) ontvangt en recht heeft op een schadevergoeding bijvoorbeeld wegens een ongeval of medische fout? Deze vraag werd voorgelegd aan de Rechtbank Zeeland-West Brabant  en deze deed hierover op 16 april 2014 uitspraak(ECLI:NL:RBZWB:2014:4520). Een vrouw had ernstig letsel als gevolg van een foutieve medische behandeling en had recht op een forse schadevergoeding. Vervolgens kwam aan de orde of de gemeente haar WWB uitkering zou intrekken. Het ziekenhuis vond dat zij geen vergoeding hoefde te betalen als de vrouw haar WWB uitkering zou verliezen vanwege het door haar ontvangen bedrag aan schadevergoeding. De rechtbank overwoog dat wanneer als gevolg van de schade uitkering de bijstandsuitkering wegvalt dat leidt tot een gat in de financiële huishouding. Van het slachtoffer kan niet worden gevergd dat zij de schadevergoeding dan besteedt aan kostenposten waarvoor die uitkering niet is bedoeld.

Kortom wanneer iemand letselschade lijdt en iemand anders daarvoor aansprakelijk is en daardoor zijn bijstandsuitkering komt te vervallen dan vormt dat extra schade die vergoed moet worden door de aansprakelijke partij. Het slachtoffer moet zelf kunnen beslissen waaraan zij de schade uitkering besteedt.

Deze uitspraak maakt het afwikkelen van schades van slachtoffers met een WWB uitkering veel eenvoudiger.

Wilt u nog meer weten over letselschade? Klik dan hier.

 

MH17 Crash Malaysia Airlines; onderzoeksraad

MH17 Crash Malaysia Airlines: Onderzoeksraad voor de Veiligheid

Het rapport van eerste bevindingen van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid over MH17 crash Malaysia Airlines is op 9 september 2014 gepubliceerd. Hier vind u de belangrijkste bevindingen van het rapport.
Eén van de conclusies van het rapport is dat de Boeing 777 met vluchtnummer MH17 van buitenaf met hoge snelheid is doorboord door een groot aantal energierijke projectielen. Waarschijnlijk heeft dit zoveel schade aan het toestel toegebracht dat het tijdens de vlucht in stukken is gebroken.  Het onderzoeksrapport werd ongeveer drie weken later gepubliceerd dan volgens de geldende richtlijnen moet. Dit omdat de onderzoekersomstandigheden in het oorlogsgebied moeilijk waren.

Onderzoek rol luchtverkeersleiding crash MH17

Uiteraard is ook de communicatie met de luchtverkeersleiding onderzocht. Kort na 13.20 uur verloren de radar van Oekraïne en die van de Russische Federatie het contact met het vliegtuig. Er werd geen noodoproep van het vliegtuig ontvangen door de verkeersleiding. Uit de radar gegevens blijkt dat er rond de tijd van de crash nog drie andere verkeersvliegtuigen boven hetzelfde voor internationale overvliegende verkeersvluchten gesloten luchtruim vloog als vlucht MH17. Om 13.20 uur bedroeg de afstand tussen MH17 en één van de drie andere vliegtuigen ongeveer 30 km.

Luchtruim MH17 was zonder beperkingen

Een belangrijke conclusie is ook dat op het moment van de crash het vliegtuig zich in het luchtruim bevond zonder beperkingen en onder controle stond van de luchtverkeersleiding en vloog langs de route en op de hoogte zoals geklaard door de verkeersleiding. Er waren geen technische storingen aan het toestel bekend, een Boeing 777-200 die in 1997 in de Verenigde Staten is gebouwd. De bemanning was in goede gezondheid.
Meteorologische waarnemingen gaven aan dat er in het gebied over het algemeen veel bewolking was, waarbij op een hoogte van circa 10.000 voet een gebroken wolkendek werd waargenomen. Het zicht in de hele regio  was goed, 10 km of meer.
Wrakstukken van vlucht MH17 zijn verspreid aangetroffen over een groot gebied in het oosten van Oekraïne. Het vliegtuigwrak bestond uit talloze grote en kleine brokstukken verspreid over een gebied van circa 10 × 5 km. Het gatenpatroon dat is aangetroffen in de voorste rompstukken en de cockpit van het vliegtuig komt overeen met de schade die te verwachten is wanneer een groot aantal voorwerpen met hoge energie het vliegtuig van buitenaf doorboort. Het is waarschijnlijk dat dit resulteerde in verlies van structurele integriteit van het vliegtuig en leidde tot het uiteenvallen van het vliegtuig tijdens de vlucht.

Beperkingszones na MH17 Crash Malaysia Airlines

Na de vlucht op 17 juli 2014 om 14.56 uur werd door UkSATSE NOTAM A1507/14 afgegeven waarmee een extra beperkingszone werd toegevoegd boven de bestaande zone (genoemd in NOTAM A1492/14) vanaf FL320 tot onbeperkte hoogte.
Op 18 juli 2014 om 00.07 uur werd door UkSATSE NOTAM A1517/14 afgegeven, waarmee de omvang van de beperkingszone werd uitgebreid en een beperking werd opgelegd vanaf de grond tot onbeperkte hoogte.
Op 29 juli 2014 heeft ICAO met haar partners in de luchtvaartsector aangekondigd een taskforce op te richten om te onderzoeken hoe informatie effectief kan worden verzameld en verspreid ten behoeve van de veiligheid van de burgerluchtvaart.
Doel van het onderzoek van de Onderzoeksraad is de oorzaak van de ramp te achterhalen
en hoopt het definitieve rapport binnen een jaar af te ronden. Doel van het onderzoek door de Onderzoeksraad is om vast te stellen hoe het ongeval heeft kunnen gebeuren en niet om schuldigen aan te wijzen.

Strafrechtelijk onderzoek na MH17 Crash Malaysia Airlines

Er loopt ook een strafrechtelijk onderzoek. Dit staat onder leiding van 10 Nederlandse officieren van justitie en hieraan werken 200 rechercheurs in samenwerking met buitenlandse partners. Doel van dit onderzoek is om de schuldigen op te sporen, te arresteren en te berechten. Onderzoek wordt ingesteld naar de personen die de raket hebben bediend, waarbij de rol van de leiders van de separatisten en ook die van Rusland wordt onderzocht.

MH17 Schadevergoeding voorschot $50.000

Schadevergoeding slachtoffers MH17

De advocaat van Malaysia Airlines heeft op 8 augustus 2014 bevestigd dat de nabestaanden van de slachtoffers van de vliegramp in Oekraïne een voorschot ontvangen van $ 50.000 (€ 37.000). Dit is een voorschot op de uiteindelijke schadevergoeding. De definitieve schadevergoeding wordt later vastgesteld. Omdat het nog lang kan duren voordat het definitieve bedrag aan schade bekend is, wordt er nu alvast een voorschot betaald.

Voorschot op basis verdrag van Montreal

Op grond van het verdrag van Montréal is een vliegtuigmaatschappij ook verplicht om een voorschot te betalen om de directe financiële nood te lenigen. Eerder kregen de nabestaanden een voorschot van $ 5.000 om de eerste nood te lenigen.

MH17 Schadevergoeding

MH17 schadevergoedingLees hier meer over de vliegramp met Malaysia Airlines MH17

Vliegramp MH17 Onderzoeksraad voor veiligheid

Vliegramp MH17 Onderzoeksraad voor Veiligheid

Update 28 juli 2014

De Onderzoeksraad voor Veiligheid is al ruim een week met 35 mensen bezig met zijn onderzoek naar de vliegramp MH17 met het toestel van Malaysia Airlines. Hoewel de onderzoekers nog geen toegang hebben tot de rampplek is het onderzoek in volle gang. Voor de nabestaanden is het van groot belang dat de oorzaak van het neerstorten van het vliegtuig wordt achterhaald.
Het onderzoek heeft 3 speerpunten:
Het vaststellen van de oorzaak van de vliegramp van het vliegtuig
Dit is een internationaal onderzoek waarbij meerdere landen zijn betrokken. Dit onderzoek geschiedt volgens de regels van ICAO en de Raad heeft hierbij de leiding.
Onderzoeksraad wijst geen daders aan
De rapporteurs zullen in elk geval geen daders aanwijzen. Dus als er sprake is van een raket, zal de Raad zich er niet over uitlaten van wie deze afkomstig zou kunnen zijn. “Als al sprake zou zijn van een raket, zullen wij ons er niet over uitlaten van wie die afkomstig zou kunnen zijn” aldus woordvoerder Wim van der Weegen in #VK.
Hoewel de Raad nog niet naar de rampplek kan, is de Raad druk bezig met het inventariseren van de vluchtgegevens, radar- en satellietbeelden, gesprekken van de luchtverkeersleiding en de inhoud van de zwarte dozen.
Verder doet de Onderzoeksraad twee aanvullende onderzoeken naar vliegramp MH17; de vliegroute en de passagierslijst met als doel lessen voor de toekomst te trekken. De uitkomst van het onderzoek naar de besluitvorming over vliegroutes en de risico-afweging die is gemaakt bij de keuze voor de vliegroute over Oost-Oekraïne is van belang voor de hoogte van de schadevergoeding die aan de nabestaanden moet worden betaald. Wanneer KLM en Malaysia Airlines verweten kan worden de vluchtroute over oorlogsgebied te hebben gekozen, is de schadevergoeding niet gelimiteerd tot het bedrag van ongeveer € 114.000.

Passagierslijst vliegramp MH17

Na het vliegtuigongeval was niet direct de volledige passagierslijst van MH17. De Onderzoeksraad kijkt hoe het verkrijgen van deze lijst gegaan is bij vlucht MH17.

Onderzoek naar daders vliegramp MH17

Voor de nabestaanden is het van groot belang dat de exacte oorzaak van de vliegramp bekend wordt. De nabestaanden en slachtoffers van de vliegramp van Turkish Airlines bij Schiphol in 2009 keken met veel spanning uit naar de uitkomst van het onderzoek. Waarschijnlijk zal de Raad ook nu zo snel mogelijk een rapport van eerste bevindingen uitbrengen. De Onderzoeksraad zal geen daders aanwijzen. Op dit moment is een Nederlandse officier van Justitie naar Kiev gereisd om te onderzoeken of er sprake is van moord, oorlogsmisdrijven en het opzettelijk laten neerstorten van het vliegtuig. Sinds 2003 kent Nederland de Wet Internationale Misdrijven. Op grond hiervan kan Nederland iedereen, ook buiten Nederland vervolgen, wegens oorlogsmisdrijven tegen een Nederlander.

Internationaal Strafhof inzetten bij MH17

Mogelijk vraagt Oekraine het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag om vervolging van verdachten. Oekraïne is geen partij bij het ICC maar heeft het strafhof in april van dit jaar juist gevraagd onderzoek te doen naar mogelijke oorlogsmisdaden gepleegd tijdens het bewind van president Viktor Janoekovitsj. Het land wil een onderzoek over de periode 21 november 2013 tot 22 februari. Nederland kan er bij Oekraïne op aandringen het ICC uitbreiding te vragen van het onderzoek tot en met 17 juli, de dag van het neerstorten van MH17.

Vliegramp MH17

Onderzoeksraad voor Veiligheid onderzoekt MH17

Link naar Onderzoeksraad voor Veiligheid

Amerikaanse advocaten uit op schadevergoeding nabestaanden #MH17

Letselschade #MH17

De Nederlandse Vereniging van Advocaten van Slachtoffers Personenschade ASP heeft bericht ontvangen dat zogenaamde ambulance chaseres uit Amerika nabestaanden van de vliegramp met het toestel van Malyasia Airlines MH17 benaderen.

Werkwijze bij eerdere vliegramp

Ook bij eerdere rampen werden slachtoffers benaderd door dergelijke ambulance chasers. Bij grote internationale rampen benaderen louche advocaten uit het buitenland slachtoffers. In feite proberen zij deze te ronselen en een contract te laten tekenen.

In Amerika is het advocaten verboden om binnen 45 dagen na een ramp slachtoffers te benaderen. Deze regels gelden echter niet wanneer zij buiten de Verenigde Staten slachtoffers benaderen. Het zijn eigenlijk alleen de cowboy kantoren die zich niets van deze regels aantrekken.

De Nederlandse letselschade advocaten die ervaring hebben met vliegrampen en samenwerken met internationale kantoren doen dat uitsluitend met gerenommeerde Amerikaanse advocaten en niet met dit soort cowboys. Bovendien is het nog maar de vraag of het in deze zaak nodig is om een Amerikaanse advocaat in te schakelen. In de meeste gevallen zal de schadevergoeding bij letselschade #MH17 naar Nederlands recht worden afgewikkeld. Op dit moment werken wij samen met Nederlandse en internationale advocaten voor de best mogelijke juridische hulp bij de afhandeling van letselschade #MH17

Aangezien de passagierslijsten zijn gepubliceerd op internet en ook in kranten veel persoonsgegevens van slachtoffers zijn gepubliceerd is het voor dit soort louche kantoren eenvoudig om adresgegevens van familieleden te achterhalen. Vaak wordt er aangebeld bij nabestaanden en wordt er gezegd dat ze van een instantie zijn. Zo werden slachtoffers van de vliegtuigramp van Turkish Airlines benaderd door medewerkers van deze kantoren. Die vertelden dat zij onderzoekers waren van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Eenmaal binnengekomen werd een PowerPoint presentatie opgestart en werd duidelijk dat het om Amerikaanse advocaten ging.

Wij raden iedereen af om in te gaan op rechtshulpverleners die u rechtstreeks benaderen.

Lees verder onze artikelen over de schadevergoeding vliegramp MH17

letselschade #MH17 Ons bureau is aangesloten bij vereniging

#MH17

Lid van ASP advocaten

#MH17 lestelschade advocaat

Schadevergoeding #MH17

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

brokstukken toestel MH17

Update 21 juli 2014

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Een vliegtuig van Malaysia Airlines dat op 17 juli 2014 op weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Dit is een grote tragedie. Wij betuigen de familieleden van de passagiers en de bemanningsleden ons medeleven.
In de eerste plaats is van belang dat de lichamen geborgen kunnen worden en teruggegeven aan hun familieleden.
Vervolgens moeten de plek van de crash en het bewijsmateriaal worden veiliggesteld en door een volstrekt onafhankelijke onderzoekscommissie onderzoek worden ingesteld zodat duidelijk wordt wie aansprakelijk zijn voor deze aanval op een civiel vliegtuig. Waarschijnlijk gaat onze eigen Onderzoekraad voor de Veiligheid een  rol spelen in dit onderzoek. Ook is op 21 juli 2014 bekend gemaakt dat het Openbaar Ministerie een onderzoek zal instellen. Uiteraard zullen ook diverse internationale organisaties zoals de ICAO bij het onderzoek naar de toedracht worden betrokken. Daarna komen vragen over de afhandeling van Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding.

Juridische hulp bij Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Wij weten uit ervaring dat in de eerste periode na een vliegramp veel (juridische) dienstverleners hun diensten aanbieden aan nabestaanden. Zij schromen niet om deze rechtstreeks te benaderen, zeker nu zij kunnen beschikken over de passagierslijst. In Nederland werkzame letselschade advocaten mogen de nabestaanden niet rechtstreeks benaderen. De Vereniging van Letselschade advocaten LSA en de Vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade ASP hebben op hun websites lijsten beschikbaar van gespecialiseerde advocaten die in dit soort situaties rechtshulp kunnen verlenen. Van belang is dat u een belangenbehartiger kiest waarin u vertrouwen hebt en die ervaring heeft met het afwikkelen van schade als gevolg van luchtvaartongevallen. Mr. Maya Spetter is lid van zowel LSA, ASP en PEOPIL en heeft veel ervaring met het afwikkelen van schade als gevolg van vliegtuigcrashes. Zo stond zij vele slachtoffers bij van de crash met het vliegtuig van Turkish Airlines TK 1951 dat op 29 februari 2009 voor de landing op Schiphol crashte. In die zaak trof zij regelingen voor de slachtoffers.

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding van luchtvaartmaatschappij

Op grond van het verdrag van Montréal dient Malaysia Airlines de nabestaanden te ondersteunen en compenseren. De maatschappij heeft op 18 juli 2014 aangekondigd de nabestaanden een voorschot te betalen van € 5000. Op grond van het verdrag is zij verplicht om de directe financiële nood van de nabestaanden te lenigen ook wanneer deze meer bedraagt dan € 5.000. Op dit moment heeft de vliegtuigmaatschappij aangegeven dat zij geen nabestaanden naar de plek van de ramp zal vervoeren omdat het daar te gevaarlijk is.
Voor nabestaanden staat verwerking van de ramp voorop. Het is niet noodzakelijk snel juridische stappen te zeten en te komen tot aansprakelijkstelling van betrokken partijen. Op grond van het verdrag van Montréal hebben nabestaanden 2 jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te stellen (middels een procedure). Tot een bedrag van € 129.200 is Malaysian Airlines aansprakelijk. Mogelijk moet de vliegtuigmaatschappij volledige schadevergoeding bieden. Dat kan aan de orde zijn wanneer haar verweten kan worden dat zij de vluchtroute na eerdere ernstige incidenten niet heeft aangepast. Dit aspect zal ongetwijfeld worden onderzocht. Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding.

Vliegverbod voor Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Volgens een medewerker van de Russische luchtverkeersleiding was het in het gebied sinds een paar dagen verboden om lager dan 7900 m te vliegen. Het vliegtuig vloog waarschijnlijk op 10 km hoogte. Inmiddels hebben diverse luchtvaartmaatschappijen waaronder KLM besloten om niet meer over Oost-Oekraïne te vliegen. In april werd al besloten niet meer over de Krim te vliegen vanwege de onrust aldaar en na waarschuwingen van de Europese en Amerikaanse luchtvaartautoriteiten. Ook Lufthansa heeft besloten de vluchten onmiddellijk om te leiden. De FAA (Federal Aviation Administration) heeft waarschuwingen doen uitgaan en bepaalde delen van het Oekraïense luchtruim niet veilig verklaard voor burgervliegtuigen.
Ook zal onderzocht moeten worden wie de leverancier is van de BUK raket lanceerinstallatie. Het is mogelijk dat staten aansprakelijk gehouden kunnen worden voor het leveren van het wapen of het ondersteunen van het gebruik hiervan.
De Duitse verzekeraar Allianz SE is de hoofdverzekeraar van Malaysia MH17  Boeing 777. De leidende verzekeraar voor oorlogsschade is Atrium Underwriting Group. Die partij moet mogelijk gaan uitkeren als de schade veroorzaakt blijkt te zijn door een daad van terrorisme.
In diverse verdragen is geregeld dat passagiers, en in dit geval de nabestaanden, gecompenseerd worden voor hun schade. Mogelijk zijn ook bepalingen van internationaal oorlogsrecht van toepassing, wanneer betrokkenheid van militairen blijkt. Het is van groot belang dat het nog te formeren onafhankelijk onderzoeksteam toegang krijgt tot het gebied en de technische vluchtgegevens zodat de oorzaak van deze tragedie achterhaald kan worden.

Schadevergoeding MH17. De reisorganisatie en eigen verzekeringen

Mogelijk kan ook de reisorganisatie worden aangesproken wanneer via de reisorganisatie (D-reizen, Fox) een pakketreis is geboekt. In dat geval hebben nabestaanden een jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te dienen. Veel passagiers zullen een reisverzekering of overlijdensverzekering hebben afgesloten.
Inmiddels is bekend geworden dat de Nederlandse verzekeraars geen beroep zullen doen op de zogenaamde molest uitsluiting. Dat betekent dat ook uitkeringen op grond van deze verzekeringen kunnen worden geclaimd en dat de verzekeraars dekking verlenen ook wanneer sprake is van molest of terrorisme.

Toepasselijk recht
Welke schadeposten voor vergoeding in aanmerking komen is afhankelijk van de vraag welk recht van toepassing is. Dit kan Nederlands recht zijn maar ook het recht van het land van de bestemming.
Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden recht op vergoeding van de begrafeniskosten en op een vergoeding van het gederfde levensonderhoud. Naar Nederlands recht hebben de nabestaanden geen recht op vergoeding van affectieschade/smartengeld. Onderzocht zal moeten worden of andere rechtsstelsels van toepassing kunnen zijn die op dit punt wel een vergoeding bieden, zodat een weloverwogen keuze kan worden gemaakt voor het recht van een bepaald land.

Wilt u meer informatie over juridische bijstand Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Dan kunt u contact opnemen met mr Maya Spetter m.spetter@spetteradvocaat.nl  of ons bereiken via 00 31 33 2100112. Ons kantoor heeft veel ervaring in het afhandelen van letselschade als gevolg van vliegtuigongevallen. Mr Maya Spetter is lid van LSA, ASP, de aviation committee van PEOPIL, de Europese vereniging van letselschadeadvocaten, en werkt in grensoverschrijdende zaken samen met gerenommeerde internationale kantoren. Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Lees ook onze artikelen over:
vliegtuigongevallen
Spetter in de media

Lees meer over Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines MH17 schadevergoeding

Vliegramp Oekraine 17/7/14 Malaysia Airlines MH17

Update 20 juli 2014
Een vliegtuig van Malaysia Airlines dat op 17 juli 2014 weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland. Onderzocht moet worden wat de oorzaak is van het neerstorten. Waarschijnlijk is het vliegtuig door een aanval vanaf de grond neergeschoten.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Om 16.15 uur Nederlandse tijd verloor het grondpersoneel contact met het toestel. Er waren tot het laatste contact geen aanwijzingen dat het toestel technische problemen had.
Van alle zijden wordt aangedrongen op een onafhankelijk onderzoek. Hopelijk kan dit in de komende dagen worden opgestart.

Snelle juridische actie niet noodzakelijk

Voor nabestaanden staat verwerking van de ramp voorop. Het is niet noodzakelijk snel juridische stappen te zeten en te komen tot aansprakelijkstelling van betrokken partijen. Op grond van het verdrag van Montréal hebben nabestaanden 2 jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te stellen. Tot een bedrag van € 129.200,00 is Malaysian Airways aansprakelijk. Mogelijk moet de vliegtuigmaatschappij volledige schadevergoeding bieden. Dat kan aan de orde zijn wanneer haar verweten kan worden dat zij de vluchtroute na eerdere ernstige incidenten niet heeft aangepast. Dit aspect zal nog worden onderzocht.
Mogelijk kan ook de reisorganisatie worden aangesproken wanneer via de reisorganisatie een pakketreis is geboekt. In dat geval hebben nabestaanden een jaar de tijd om een vordering tot schadevergoeding in te dienen.

Wilt u meer informatie?

Dan kunt u contact opnemen met mr Maya Spetter (m.spetter@spetteradvocaat.nl) of ons bereiken via 00 31 33 2100112. Ons kantoor heeft veel ervaring in het afhandelen van letselschade als gevolg van vliegtuigongevallen. Mr Maya Spetter is lid van de aviation committee van PEOPIL, de Europese vereniging van letselschadeadvocaten, en werkt in grensoverschrijdende zaken samen met gerenommeerde internationale kantoren.

Vliegramp Oekraine 17/7/14 Malaysia Airlines MH17

Lees ook onze artikelen over;
vliegtuigongevallen
Spetter in de media

nieuwe vliegramp nederland malaysia airlines MH17

MH17 schadevergoeding

Malaysia Airlines

Een vliegtuig van Malaysia Airlines MH17 op 17 juli 2014 weg was van Amsterdam naar Kuala Lumpur is neergestort bij de grens tussen Oekraïne en Rusland. Onderzocht moet worden wat de oorzaak is van het neerstorten. Waarschijnlijk is het vliegtuig door een aanval vanaf de grond neergeschoten.
Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Al deze levens zijn te betreuren.
Om 16.15 uur Nederlandse tijd verloor het grondpersoneel contact met het toestel. Er waren tot het laatste contact geen aanwijzingen dat het toestel technische problemen had.
Van alle zijden wordt aangedrongen op een onafhankelijk onderzoek. De zwarte dozen van het toestel zijn inmiddels gevonden en Oekraïense reddingswerkers zijn inmiddels door de opstandelingen toegelaten tot het gebied.
Volgens een medewerker van de Russische luchtverkeersleiding was het in het gebied sinds een paar dagen verboden om lager dan 7900 m te vliegen. Het vliegtuig vloog waarschijnlijk op 10 km hoogte. Inmiddels hebben diverse luchtvaartmaatschappijen waaronder KLM besloten om niet meer over Oost-Oekraïne te vliegen. In april werd al besloten niet meer over de Krim te vliegen vanwege de onrust aldaar en na waarschuwingen van de Europese en Amerikaanse luchtvaartautoriteiten. Ook Lufthansa heeft besloten de vluchten onmiddellijk om te leiden.
Al eerder werden civiele vliegtuigen uit de lucht geschoten. Meestal was er sprake van een fatale menselijke fout.
De Duitse verzekeraar Allianz SE is de hoofdverzekeraar van Malaysia NH17 de Boeing 777 met 298 passagiers inclusief crew aan boord.
De leidende verzekeraar voor oorlogsschade is Atrium Underwriting Group. Die partij moet mogelijk gaan uitkeren als de schade veroorzaakt blijkt te zijn door een daad van terrorisme.
In diverse verdragen is geregeld dat passagiers, en in dit geval de nabestaanden, gecompenseerd worden voor hun schade. Mogelijk zijn ook bepalingen van internationaal oorlogsrecht van toepassing, wanneer betrokkenheid van militairen blijkt. Het is van groot belang dat het nog te formeren onafhankelijk onderzoeksteam toegang krijgt tot het gebied en de technische vluchtgegevens zodat de oorzaak van deze tragedie achterhaald kan worden.

slachtoffers, naasten, en, nabestaanden

Meer rechten slachtoffers, naasten en nabestaanden

Staatssecretaris Teeven heeft op 28 mei 2014 een wetsvoorstel bekend gemaakt. Hiermee wil hij slachtoffers en hun naasten een sterkere positie geven. Straks kunnen slachtoffers een ruimere vergoeding krijgen voor de kosten van verzorging, verpleging en begeleiding wanneer hun naasten deze taken op zich nemen. De aansprakelijke partij moet dit dan betalen. Nu is het zo dat een slachtoffer alleen de kosten vergoed krijgt tot het bedrag dat hij kwijt is als professionele hulp zou worden ingeschakeld. Deze vergoeding is in de meeste gevallen lager dan het inkomensverlies dat familieleden lijden voor de tijd die zij niet hebben kunnen werken, omdat zij deze aan de verzorging hebben besteed.

De keuze van familie- of gezinsleden om zorg op zich te nemen, past binnen het streven van het kabinet om mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving te ondersteunen. Het slachtoffer houdt zo ook de regie over de wijze waarop de zorg wordt geregeld.

Verder komt er een vergoeding van affectieschade voor naasten en nabestaanden van slachtoffers met ernstig en blijvend letsel of die zijn overleden door een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. Bijvoorbeeld een verkeersongeluk, medische fout, bedrijfsongeval of geweldsmisdrijf.  De vergoeding van de affectieschade wordt begroot aan de hand van vaste categorieën en ligt tussen de € 12.500,- en € 20.000,-.

Niet iedereen komt in aanmerking voor vergoeding van affectieschade. Teeven gaat uit van een vaste kring van gerechtigden: echtgeno(o)t(e) van het slachtoffer, geregistreerde partner, levensgezel, kinderen en ouders.

Voegingsmogelijkheden voor ouders, naasten en nabestaanden verruimd

Ook ouders van een kind dat slachtoffer is geworden van een seksueel misdrijf of een ander strafbaar feit kunnen zich voegen in het strafproces. Zij kunnen door zich te voegen in het strafproces de kosten voor medische behandeling en begeleiding van hun kind op de dader verhalen. Nu kan dat niet, omdat volgens de wet alleen slachtoffers een verzoek tot schadevergoeding kunnen indienen. Teeven komt hiermee tegemoet aan een wens van de Tweede Kamer naar aanleiding van de Amsterdamse zedenzaak.

Overigens beperkt het voorstel zich niet alleen tot misbruik, ook andere strafbare feiten vallen eronder. Naasten of nabestaanden kunnen zich in het geval van een geweldsmisdrijf met hun vordering tot vergoeding van affectieschade ook voegen in het strafproces. De eenvoudige opzet van de regeling met vaste bedragen en een vaste kring van gerechtigden leent zich daar goed voor.

Wat betekent dit voor de praktijk?

De verruiming van deze voegingsmogelijkheid is goed voor slachtoffers. Het is echter de vraag hoe strafrechters zullen omgaan met deze verruiming. Zij moeten zich straks op de zitting buigen over de strafzaak zelf, maar ook over de verzoeken tot schadevergoeding van deze nieuwe “kring van gerechtigden”. Wat gaat dat betekenen voor de belasting van deze rechters en is het Openbaar Ministerie voldoende toegerust om deze slachtoffers op te vangen? Hoe dan ook zal het een groter beslag leggen op het strafrechtelijk apparaat en moet er veel gebeuren om er voor te zorgen dat een slachtoffer dat zich wil voegen ook goed wordt opgevangen en bijgestaan.

Ons kantoor staat slachtoffers bij ook wanneer zij zich willen voegen in het strafproces. Neem contact met ons op als u meer informatie wilt.

Het volledige wetsvoorstel is terug te vinden op de website van Rijksoverheid, waar ook de memorie van toelichting op het wetsvoorstel terug te vinden is.

 

 

 

Letselschade advocaat

Recht op vrije advocaatkeuze

Op 7 november 2013 heeft het Europese Hof van Justitie een arrest gewezen dat belangrijk is voor het recht op vrije advocaat  keuze. Volgens het Hof mag een verzekerde zelf kiezen welke advocaat zijn procedure voert. Hij kan niet verplicht worden zich te laten bijstaan door de advocaat die in dienst is van zijn rechtsbijstandverzekering. Dit recht op vrije advocaat keuze geldt niet alleen voor procedures waarbij rechtsbijstand door een advocaat verplicht is, maar ook voor procedures waarbij rechtsbijstand door een advocaat niet verplicht is (bijvoorbeeld een procedure voor de bestuursrechter of de kantonrechter).

Een verzekerde mag dus zelf zijn advocaat in de arm nemen en de rechtsbijstandverzekering moet zijn kosten vergoeden. Er kunnen dan  wel voorwaarden gesteld worden aan de maximaal door de verzekeraar te vergoeden kosten.

In artikel 4: 67 Wet Financieel Toezicht is het recht van vrije advocaatkeuze verankerd. Rechtsbijstandverzekeraars. De wettelijke bepaling is gebaseerd op Unierecht (de Europese richtlijn 87/344).  Rechtsbijstandverzekeraars meenden dat zij dat recht konden beperken.

De Hoge Raad heeft twee prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie voorgelegd. In de eerste plaats werd gevraagd of een verzekeraar mag bepalen dat de kosten van rechtsbijstand door een eigen advocaat alleen dan onder de dekking vallen indien de verzekeraar van mening is dat de behandeling van een zaak aan een externe rechtshulpverlener moet worden uitbesteed. Ten tweede werd gevraagd of het verschil maakt of voor de procedure wel of niet rechtsbijstand verplicht is.

Het Hof legt de richtlijn zo uit dat de verzekerde in het kader van procedures zelf zijn advocaat moet kunnen kiezen. De door de rechtsbijstandsverzekeraar gehanteerde beperking van de vrije advocaatkeuze is in strijd met de richtlijn.

Zie ook ons artikel Rechtsbijstandverzekering? Goedkoop is duurkoop!

Letselschade advocaat bedrijfsongeval: jaarlijks half miljoen werknemers letsel.

Meldingsplicht werkgever arbeidsongeval bij Inspectie SZW

Jaarlijks raken duizenden mensen betrokken bij een arbeidsongeval. Wanneer dit ongeval leidt tot blijvend of dodelijk letsel of tot een ziekenhuisopname, moet de werkgever dat direct melden aan de Inspectie SZW (arbeidsinspectie). Als er te laat of geen melding wordt gedaan, kan de inspectie een boete opleggen. Sinds 1 januari 2013 kan die boete oplopen tot maximaal € 50.000. Voorheen was dat € 4500.

Alle ongevallen die plaatsvinden bij of als gevolg van werkzaamheden worden aangemerkt als arbeidsongeval. Het kan dan gaan om werkzaamheden in een bedrijf of instelling, op een bouwlocatie, op het land, op een erf, bij wegwerkzaamheden, op of in het water enzovoort. Kortom om ongevallen in situaties waarbij werknemers aan het werk zijn.

Een arbeidsongeval moet worden gemeld als het slachtoffer aan de gevolgen overlijdt, blijvend letsel oploopt, of in een ziekenhuis moet worden opgenomen. Ook een dag opname valt hieronder. Een eenmalig bezoek aan de polikliniek niet. Vaak denken werkgevers dat het letsel meevalt en zien zij om die reden van een melding af.  Echter als later alsnog sprake is van een ziekenhuisopname of sprake blijkt van blijvend letsel dat in verband kan worden gebracht met het ongeval, moet de werkgever het ongeval alsnog direct melden. Een dodelijk ongeval moet direct telefonisch worden gemeld.

Werkgevers verzuimen meldingsplicht

De meldingsplicht geldt niet alleen voor de eigen werknemers, maar ook voor personen die onder gezag van de werkgever staan. Denk daarbij aan ingehuurde ZZP’ers,  uitzendkrachten en stagiaires.

Naar aanleiding van de melding kan de Inspectie een onderzoek instellen. Het is ook mogelijk dat de Inspectie de melding alleen registreert en afziet van nader onderzoek.

In 2012 half miljoen werknemers letsel door arbeidsongeval

Uit gegevens van het CBS blijkt dat in 2012 bijna een half miljoen werknemers betrokken is geraakt bij een arbeidsongeval. Zij lopen dan lichamelijke of geestelijke schade op. Bijna de helft van de werknemers verzuimde hierdoor één dag. Bij een derde duurde het ziekteverzuim vier dagen of langer. De meeste ongevallen gebeuren in de bouw en de horeca.

Veel werkgevers melden een arbeidsongeval niet

Spetter advocaat & mediator staat regelmatig werknemers bij (waaronder ook wordt verstaan zzp’ers, uitzendkrachten en stagiaires) die als gevolg van een ongeval tijdens het werk gewond zijn geraakt. Vrijwel nooit zijn deze ongevallen gemeld aan de inspectie. Het is dan zaak om te onderzoeken waarom het ongeval niet is gemeld en wanneer dat aan de orde is, het ongeval alsnog te melden bij de Inspectie. Wanneer het ongeval geruime tijd geleden heeft plaatsgevonden vallen getuigen soms moeilijk te achterhalen. Wanneer u betrokken bent geraakt bij een ongeval op het werk, is het belangrijk dat bewijs niet verloren gaat. Het is verstandig u juridisch te laten adviseren en te onderzoeken of het verstandig kan zijn zelf een melding te doen bij de Inspectie SZW.

Letselschade advocaat bedrijfsongeval

Bent u betrokken geraakt bij een ongeval en wilt u hierover vrijblijvend advies, neem dan contact met ons op. T 033 2100112

Daarom Spetter Letselschade Advocaten

No cure no pay voor letselschade advocaten, ‘n experiment.

No cure no pay voor letselschade advocaten

Advocaten mogen met ingang van 1 januari 2014 met hun
cliënten een resultaatsafhankelijke beloning afspreken. Tot nog toe was het
advocaten niet toegestaan een no cure no pay afspraak te maken.  Letselschadebureaus mogen dit wel.  Zij pikken vaak “de krenten uit de pap”. Zaken
waarover geprocedeerd moet worden nemen ze niet in behandeling, omdat zij niet
mogen procederen. Ook maken zij soms no cure no pay afspraken terwijl dat niet
nodig is. Zij spreken dan onredelijk hoge vergoedingen af voor hun
werkzaamheden, ook wanneer de rechtzoekende recht heeft op vergoeding van de
advocaatkosten door de verzekeraar of door de staat.

Aan het experiment worden door de Orde van Advocaten eisen
gesteld. Het is alleen toegestaan in letselschadezaken. Als beloning voor
behaald resultaat mag de advocaat een hoger uurtarief rekenen maar niet een
percentage van de opbrengst van de zaak opstrijken. Nieuw is dat de advocaat
met de cliënt mag afspreken dat bij verlies van de zaak die cliënt niets
betaalt. Ook geldt er een maximum als vergoeding, namelijk 25% van de opbrengst
van de zaak.

Deze regeling kan de toegang tot het recht verbreden voor
mensen die niet in aanmerking komen voor gesubsidieerde rechtsbijstand en van
een procedure afzien vanwege de hoge advocaatkosten. De Orde van Advocaten wil
met het experiment onderzoeken of de gang naar de rechter laagdrempeliger wordt.

Zie ook het artikel op onze website over de kosten van een
advocaat. Wilt u meer weten over het experiment of heeft u een andere vraag
over de vergoeding van de kosten in een letselschadezaak, neemt u dan gerust contact
op met ons.

no cure no pay

schadevergoeding-letsel

Processen-verbaal verkeersongevallen sneller beschikbaar

Minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie heeft de Tweede Kamer toegezegd dat de registratie door de politie van verkeersongevallen in 2013 op orde komt. Er zijn veel klachten over de registratie van ongevallen en over verstrekking van gegevens. Een aantal instanties heeft daarom een brandbrief aan de minister geschreven.

In 2009 werd de wijze waarop verkeersongevallen worden geregistreerd ingrijpend veranderd. De politie hoefde maar een aantal gegevens te registreren en dat zou tot een lastenverlichting moeten leiden. Het tegendeel was het geval. Omdat er weinig informatie over verkeersongevallen werd geregistreerd, werd juist een groter beroep gedaan op de politie door bijvoorbeeld belangenbehartigers van verkeersslachtoffers en verzekeringsmaatschappijen om informatie te krijgen over de toedracht van een ongeval.

De Stichting processen-verbaal kreeg in 2010 zo’n 150.000 dossiers per jaar aangeleverd. Na de invoering van het nieuwe systeem kelderde dat naar ongeveer 24.000 dossiers. Er kwamen steeds minder processen-verbaal binnen bij de Stichting. Dit maakt het voor slachtoffers van een verkeersongeval moeilijk om snel aan informatie te komen over het ongeval. De verbetering van de ongevallenregistratie moet de positie van verkeersslachtoffers maar ook van nabestaanden verbeteren. Het is belangrijk dat de politie de plek van het ongeluk en de omstandigheden goed onderzoekt. Vervolgens moet er een goed proces-verbaal worden opgesteld. Letselschadezaken van verkeersslachtoffers kunnen dan sneller worden afgewikkeld.

Op deze manier kan ook het wegennet veiliger worden gemaakt. Doordat er weinig informatie over ongevallen werd vastgelegd kwam minder informatie beschikbaar over onder meer de veiligheid van wegen. Als er informatie wordt doorgegeven aan bijvoorbeeld Rijkswaterstaat over een ongeval kan Rijkswaterstaat onderzoeken of de situatie van de weg heeft bijgedragen aan het ontstaan van het ongeval. Het aantal dodelijke slachtoffers ligt al een aantal jaren rond de 650 per jaar. Het aantal gewonden stijgt. Omdat de landelijke database dat niet cijfermatig onderbouwt is het moeilijk om vast te stellen of dit samenhangt met de veiligheid van de wegen.

De minister heeft toegezegd dat de veranderingen in juni of juli 2013 worden doorgevoerd.

operatie door letselschade

Verzekerd van ellende Vrij Nederland 1 september 2012

Letselschadeadvocaat een praktijkvoorbeeld

Bron: Vrij Nederland 1 september 2012, jaargang 73
Door Frans Glissenaar

Jan Hammer (55) uit Hilversum heeft al sinds zijn jeugd een verlamming aan zijn rechterbeen, maar kon daar altijd goed mee leven. In 2007 krijgt hij echter last van zijn linkerheup, waarschijnlijk door een vorm van overbelasting. Zijn heup blijkt versleten en de orthopeden in het Tergooi ziekenhuis in Hilversum besluiten dat een operatie nodig is. ‘Ik heb toen nog tegen die artsen gezegd: heren, wees alstublieft heel voorzichtig, want dit is mijn goede been.’ Bij een versleten heup is het gebruikelijk dat de heup wordt verwijderd en een kunstheup wordt geplaatst, maar de behandelend arts en adviserend orthopeed willen een ‘resurfacing’ operatie doen, waarbij er een soort versteviging op de bestaande heupkop wordt geplaatst. ‘Ik heb nog gevraagd: hebben jullie ervaring met zo’n operatie? Dat bleken ze niet te hebben, maar ik hoefde me geen zorgen te maken, het zou zeker goed gaan.’
Maar het ging helemaal niet goed. ‘Toen ik wakker werd na de operatie was ik helemaal in shock. Ik heb heel lang op de recovery gelegen en bleef alsmaar pijn houden. En ik bleef heel erg bloeden.’

Eigenlijk had er de dag na de operatie direct een röntgenfoto van de heup gemaakt moeten worden, maar dat gebeurt niet omdat het Hemelvaartsdag is en de röntgenkamer gesloten. Die ging ook pas weer open na een lang weekend en dan blijkt dat het goed mis is: de heup is uit het heupgewricht geschoten en ook nog 90 graden gedraaid. Zodra dat is ontdekt wordt er een revisie operatie uitgevoerd en alsnog een kunstheup geplaatst.
De revalidatie daarna verloopt moeizaam. Hammer gaat nog drie keer terug naar de behandelend orthopeed en die zegt iedere keer: ‘Heb geduld, het komt allemaal in orde.’
Maar uiteindelijk blijkt dat door de complicaties van de eerste, mislukte operatie een aantal zenuwen in het been zijn doorgesneden, waardoor Hammers linkerbeen nu ook deels verlamd is. In 2010 wordt hij daardoor volledig arbeidsongeschikt verklaard.
Volgens Hammer is gebleken dat er vóór de operatie niet alleen slijtage was aan de heupkop, maar ook aan het bekken. Dat hadden de orthopeden van het Tergooi ziekenhuis moeten zien, vindt hij. Bovendien is het naar zijn weten zeer ongebruikelijk om een resurfacing operatie uit te voeren bij iemand die al deels minder valide is. Hij probeert daar met het ziekenhuis over te spreken, maar men vindt dat er géén fouten zijn gemaakt.

Hammer neemt letselschadeadvocaat Maya Spetter in de arm. Zij stelt op 2 december 2010 namens hem het ziekenhuis aansprakelijk. Het ziekenhuis schakelt daarop MediRisk in en dan begint een proces van vertraging en trainering. Het duurt meer dan een half jaar voordat MediRisk een standpunt inneemt over het al dan niet erkennen van de aansprakelijkheid. Advocaat Spetter doet haar best om MediRisk tot actie te manen, maar dat heeft weinig nut. ‘Je krijgt de juiste persoon nooit aan de telefoon, beloftes dat er wordt teruggebeld worden nooit ingelost en als je om iemands mailadres vraagt zegt de telefoniste dat ze dat niet mag geven.’
Omdat MediRisk de Gedragscode Openheid medische incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid (GOMA) heeft ondertekend, wijst Spetter de verzekeraar op het feit dat die binnen drie maanden een standpunt over aansprakelijkheid moet innemen. Als dat ook niet helpt doet ze 26 juni 2011 schriftelijk haar beklag bij het bemiddelingsloket van de Letselschaderaad, onder wiens auspiciën de GOMA is vastgesteld. Op 14 oktober komt er dan eindelijk weer leven in de zaak. De behandelaar van de zaak, die in een eerder stadium ziek was geweest, waardoor een vervanger was ingeschakeld, schrijft op die datum monter: ‘De behandeling van bovengenoemde kwestie werd door mij weer ter hand genomen.’ Hij geeft in die brief toe dat de vertraging deels is veroorzaakt ‘in het blijven liggen van de behandeling’, maar hij zal nu voor spoed zorgen. Overigens niet direct, want ‘komende week ben ik met vakantie’.
Niettemin volgt twee weken later toch het voorstel om een onafhankelijke deskundige in te schakelen die moet beoordelen of het ziekenhuis al dan niet aansprakelijk kan worden gesteld voor de schade van Hammer. MediRisk komt met een concept vraagstelling en een voorstel voor de deskundige. Maya Spetter stuurt op 28 februari 2012 een brief met een aantal opmerkingen en voorstellen tot wijziging van de vraagstelling. Daar reageert MediRisk ook weer met grote traagheid op. Pas op 16 mei laat de huidige behandelaar van de zaak – de eerdere behandelaar die de zaak weer monter had opgepakt is weer verdwenen – weten dat haar medisch adviseur de vraagstelling nog aan het onderzoeken is. Op 5 juni komt er pas een inhoudelijke reactie.

Nu doet Jan Hammer, in overleg met Spetter, zelf zijn beklag bij de Letselschaderaad, want opnieuw houdt MediRisk zich niet aan de GOMA richtlijn. Dat is op 8 juni. Daarna krijgt hij van de juriste van de Letselschaderaad verschillende keren te horen dat die pogingen onderneemt de behandelaar van MediRisk te bereiken, maar dat dat niet lukt. Op 16 juli laat zij Hammer het volgende weten: ‘Ik ben bezig geweest met het bereiken van mevrouw X, maar helaas heb ik haar niet te pakken gekregen en kan de secretaresse geen belafspraak voor mij maken. Mevrouw X. is nu met vakantie, maar donderdag is haar vervanger weer aanwezig.’
Diezelfde 16 juli ‘s morgens heeft Vrij Nederland op het kantoor van MediRisk een interview met directrice Marjoleine van der Zwan. Gevraagd naar het waarom van de vertraging in de zaak van Jan Hammer stelt Van der Zwan dat dit toch vooral wordt veroorzaakt door de houding van de letstelschadeadvocaat. Ze zegt ook dat men bij MediRisk al negen maanden zit te wachten op een reactie van advocaat Spetter op hun voorstel. Van de hierboven genoemde brief van 28 februari dit jaar heeft Van der Zwan geen weet. ‘Die hebben wij niet in het dossier’, zegt ze. En ze voegt daar nog aan toe: ‘Wij hebben de dossiers natuurlijk wel op orde.’ Als Vrij Nederland opmerkt dat er dan toch ergens iets mis moet zijn gegaan stelt ze nogmaals: ‘Wij weten niet dat er op 28 februari een reactie is geweest, anders zou ik het ook niet naar voren brengen.’
De volgende dag laat Van der Zwan telefonisch weten dat er iets niet goed is gegaan. Er is wél een brief van 28 februari en daar is door MediRisk ook op gereageerd. Die brief zit ook wél in het dossier, maar dat was niet aan haar doorgegeven.

Het lijkt typerend voor de gang van zaken bij MediRisk: men ontkent, men weet het niet, men gaat het nog eens uitzoeken. En dat terwijl mevrouw Van der Zwan nog zo haar best doet om de goede wil en betere procedures van MediRisk te schetsen. Zo stelt ze dat men er vanuit MediRisk bij betrokken ziekenhuizen altijd op hamert contact te blijven houden met de slachtoffers van een medische fout. Maar in de zaak-Hammer is daarvan geen sprake. Het ziekenhuis, noch de betrokken orthopeed, heeft ooit meer wat van zich laten horen. Desgevraagd meldt het Tergooi ziekenhuis in een schriftelijke reactie: ‘Contact opnemen met de patiënt in de tussentijd is in heel veel situaties lastig omdat het de zorgvuldigheid van het proces negatief kan beïnvloeden en de verhoudingen kan vertroebelen. Eén bron van informatie per partij, dus de contactpersoon bij Medirisk en de advocaat van de persoon die de claim indient, is het standaard advies van de verzekeraar en advocaat.’ Met andere woorden: volgens het Tergooi ziekenhuis luidt het advies van MediRisk om juist géén contact met het slachtoffer te hebben.

De zaak van Jan Hammer is typerend voor de manier waarop MediRisk vaak met de afhandeling van schadezaken omgaat. Letselschade advocaten en belangenbehartigers klagen al jaren over de traagheid waarmee zaken worden behandeld. ‘Patiënten zijn eigenlijk dubbel slachtoffer: eerst van een medische fout en vervolgens van de behandeling van de verzekeraar’, zegt Yme Drost, letselschadespecialist, die onder andere de belangen behartigt van 188  slachtoffers van neuroloog Jansen Steur in het MST-ziekenhuis in Enschede. Volgens hem is het doel van die vertragingen duidelijk: het slachtoffer zo murw maken, dat hij afziet van verdere procedures of akkoord gaat met een laag schikkingsbedrag. Drost wijst er ook op dat MediRisk is opgericht en wordt gefinancieerd door artsen en ziekenhuizen. ‘In feite zijn het dus dezelfde artsen die de fouten maken, die het beleid bepalen van de verzekeraar.’
MediRisk is een zogenaamde onderlinge waarborgmaatschappij, ontstaan op initiatief van de ziekenhuizen, met ondersteuning van de VvAA, de Vereniging van Arts en Auto. Ongeveer zeventig procent van de ziekenhuizen in Nederland is bij MediRisk aangesloten.
Dat deze verzekeraars er belang bij hebben de financiele schade zo veel mogelijk te beperken is begrijpelijk, gezien hun achtergrond en taakstelling. ‘Dat hoort een beetje bij hun rol’, zegt professor Johan Legemaate, hoogleraar gezondheisrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Volgens Legemaate is het aantal slachtoffers dat recht heeft op een schadevergoeding ook veel hoger dan de ongeveer 1200 gevallen per jaar waarbij schade wordt uitgekeerd. ‘Er is een groep slachtoffers die er tegenop ziet een procedure te starten. Er is ook een groep die wel haar beklag doet, maar die afhaakt als het ziekenhuis de aansprakelijkheid niet erkent. Niet alle patiënten hebben dan de kracht en de wil om door te zetten. De procedures zijn ingewikkeld en als zaken voor de rechter komen duurt het allemaal veel te lang.’

‘Hoe kunnen wij u nu helpen hier uit te komen?’, verzucht rechter Dozy van het gerechtshof in Arnhem. Het is 4 juli 2012, halverwege de zitting, in het conflict tussen het Sint Antonius Ziekenhuis en de familie Holm. De voorzitter van het college doet verwoede pogingen om de partijen te bewegen weer om tafel te gaan zitten. Meer dan drie uur later slaagt die poging en wordt een afspraak gearrangeerd tussen de advocaten van beide partijen. Maar dat betekent nog lang geen oplossing van het geschil, zo zal later blijken. Het is slechts minde een tussenakte in een conflict dat zich al zes jaar voortsleept.
Mevrouw Mia-Holm Delbressine (toen 79) woonde in huis bij haar dochter Sylvia in Breukelen. Haar andere dochter, Madelein, was die fatale avond van 7 januari 2006 bij hen op bezoek. ‘Ze was net naar bed gegaan en wij zaten hier op de bank. Toen hoorden we opeens een harde klap’, vertelt Madelein. Moeder blijkt van de trap gevallen en ligt onder in de hal, met een bloedende hoofdwond. Ze bellen 112 en moeder wordt met een ambulance naar het Oudenrijn ziekenhuis in Utrecht gebracht. Op de afdeling spoedeisende hulp wordt ze door de dienstdoende arts aan haar hoofdwond geholpen. Ook wordt er een scan van haar hoofd gemaakt. Beide dochters blijven tot vijf uur ‘s morgens bij hun moeder en gaan dan naar huis om te slapen. Ze drukken de arts op het hart hen vooral te bellen als er iets aan de hand zou zijn. Maar kennelijk is er niets loos.
Als Madelein de volgende avond haar moeder weer bezoekt blijkt het helemaal niet goed te gaan met haar. Ze is in de war en zeer onrustig en ze moet twee keer overgeven.Volgens een verpleegkundige is dat geen reden om ongerust te zijn. Maar om half vijf de volgende morgen krijgen de dochters een telefoontje dat hun moeder in coma ligt. De neuroloog die er bij is gehaald vertelt hen dat de situatie ernstig is en dat moeder direct naar het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU) moet worden vervoerd voor een spoedoperatie. De dochters vragen zich af of het wel nut heeft hun moeder nog te opereren. Maar de neuroloog stelt dat, als hij daarvoor geen toestemming krijgt, hij dat zal moeten melden bij het Openbaar Ministerie. ‘We kregen verder helemaal geen informatie en hadden dus geen enkele keuze’, zegt Madelein.

Moeder overleeft ternauwernood en verblijft na de operatie drie weken op de Intensive Care. Uiteindelijk blijkt mevrouw Holm aan haar rechterzijde helemaal verlamd en ze kan niet meer praten. Na zes weken in het UMCU verblijft ze tien weken in een verpleeghuis om te revalideren en daarna wordt ze in een ander verpleeghuis opgenomen. Daar blijkt het personeel niet goed met haar om te kunnen gaan, regelmatig vinden haar dochters haar onverzorgd terug, zittend in haar eigen ontlasting, of huilend in haar rolstoel op straat, in een poging om naar huis te gaan. Madelein Holm besluit haar moeder dan maar zelf in huis te nemen.
Ondertussen proberen de dochters er achter te komen wat er nu eigenlijk mis is gegaan. Ze vragen alle documenten uit het medisch dossier bij het UMCU op en lezen dat moeder bij haar val een hersenbloeding heeft opgelopen. Die bloeding was in het Oudenrijn ziekenhuis (destijds onderdeel van het Mesos Medisch Centrum) wel geconstateerd, maar er was niet adeqaat op gereageerd. Bovendien werden moeder en dochters Holm daarover helemaal niet geïnformeerd. In de daarop volgende dagen is door verpleegkundigen ook afgeweken van de voorgeschreven protocollen, waardoor veel te laat werd ingegrepen. Daardoor heeft mevrouw Holm meer dan anderhalf etmaal met een onbehandelde bloeding in haar hoofd in het ziekenhuis gelegen, wat er toe heeft geleid dat één hersenhelft helemaal niet meer functioneert.

In oktober 2006 confronteren de dochters Holm de neuroloog die destijds de spoedoperatie had bevolen met hun bevindingen en die beaamt dat er een ernstige fout is gemaakt. Eind november 2006 vindt er een gesprek plaats met het afdelingshoofd van de afdeling Spoed & Diagnose, die haar spijt betuigt, maar geen antwoord heeft op de vraag hoe dit heeft kunnen gebeuren. De afdeling Spoedeisende Hulp, waar mevrouw Holm die eerste nacht is behandeld, weigert met de dochters te spreken. In januari 2007 vindt een gesprek plaats met een maatschappelijk werkster van het ziekenhuis. In dat gesprek vragen de zusters Holm om praktische hulp bij de verzorging en huisvesting van hun moeder, zoals ze eerder ook al in het gesprek met de neuroloog hebben gedaan. Na ruggespraak laat de maatschappelijk werkster weten dat hulp niet mogelijk is en dat het beter is een klachtenprocedure te starten. Dat doen ze en ze dienen in februari vier klachten in. In augustus 2007 verklaart de klachtencommissie drie van de vier klachten gegrond. De Raad van Bestuur stuurt daarop een een excuusbrief aan Madelein Holm en deelt mee dat de behandeling van acute neurologische patiënten op de afdeling Spoed & Diagnose voortaan anders zal worden georganiseerd. ‘Hiermee hopen wij in de toekomst dit soort zaken te kunnen voorkomen.’

Daarop stellen de dochters, begin 2008, het ziekenhuis aansprakelijk. Het ziekenhuis schakelt haar verzekeraar MediRisk in. De verzekeraar laat een onafhankelijk neuroloog een onderzoek instellen. Die concludeert dat, als mevrouw Holm direct aan haar hersenbloeding zou zijn geopereerd, zij er waarschijnlijk geen schade aan zou hebben overgehouden. Het ziekenhuis erkent na dit rapport haar aansprakelijkheid.
En dan begint het conflict dat tot op de dag van vandaag voortduurt. De dochters willen dat het ziekenhuis de schade zodanig vergoed, dat zij hun moeder zo goed mogelijk kunnen verzorgen. Dat wil zeggen: een deel van de week in huis bij Sylvia, een deel van de week in huis bij Madelein. De woningen moeten daardoor worden verbouwd, omdat moeder in een speciaal soort rolstoel zit. Daarnaast heeft ze 24 uurs zorg nodig, omdat ze bijna niets zelf kan en bijvoorbeeld dus ook ‘s nachts moet worden geholpen om naar het toilet te gaan. De dochters vinden dat hun moeder – die verstandelijk gewoon honderd procent is – recht heeft op een volwaardig leven, dat leidde ze immers ook vóór de fatale fout in het ziekenhuis.

Het Mesos Oudenrijn, dat na een fusie in 2009 onderdeel is gaan uitmaken van het Antonius Ziekenhuis, vraagt MediRisk de schadevergoeding af te handelen. En dat gaat al snel fout. MediRisk stuurt een schaderegelaar op de familie Holm af, die op alles afdingt. ‘Hij wilde sowieso maar 85 procent van de schade betalen, want mijn moeder was al oud en zou op den duur toch wel in een rolstoel terecht zijn gekomen’, zegt Madelein Holm.
Het conflict leidt uiteindelijk tot een rechtszaak, waarbij het Antonius Ziekenhuis en MediRisk het onderspit moeten delven. Op 9 februari 2011 vonnist de rechtbank Utrecht in het voordeel van de familie en wordt het ziekenhuis veroordeeld tot het betalen van een bedrag van zo’n 450 duizend euro aan smartegeld en schadevergoeding. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, hetgeen wil zeggen dat er óók betaald moet worden als de veroordeelde in beroep tegen de uitspraak gaat. Het Antonius Ziekenhuis gaat inderdaad in beroep, maar weigert in eerste instantie te betalen. Men wil pas betalen als de familie Holm een bankgarantie overlegt, want men is er  -op voorspraak van MediRisk- van overtuigd dat in hoger beroep het bedrag omlaag zal gaan, en dan wil men een bedrag kunnen terugvorderen. De zusters Holm weigeren die bankgarantie en hun advocaat dreigt met een deurwaarder als er niet wordt betaald. Vervolgens wordt er wel betaald, maar legt het ziekenhuis beslag op een groot deel van het geld. Het ziekenhuis meent dat er eigenlijk geen kosten hoeven worden te vergoed, omdat de familie Holm een Persoons Gebonden Budget krijgt en gemeentelijke subsidies voor de verbouwingen. En de honderdduizend euro aan smartegeld die door de rechter is vastgesteld, zou moeten worden gehalveerd. De advocaat van de familie Holm spant een kort geding tegen het beslag aan, dat wordt gewonnen.

In die sfeer is het begrijpelijk dat de partijen lijnrecht tegenover elkaar staan. Toch beweert het Antonius Ziekenhuis herhaaldelijk dat men niets liever wil dan in samenspraak met de familie de zaak tot een goed einde te brengen. Ter zitting wordt zulks nog betoogd door Joos Hakvoort-Van Dooren, juridisch adviseur bij het ziekenhuis. Maar het aantekenen van beroep en het leggen van beslag duidt toch niet op de wil om tot een schikking te komen?
‘Dat moet ik ontkrachten’, stelt Dirk Schraven van de Raad van Bestuur van het Antonius Ziekenhuis. ‘Er is een juridisch proces van stappen die elkaar opvolgen om uiteindelijk een bepaalde uitspraak op tafel te krijgen, en er is een paralel proces waarin het uiteindelijk in het gezamenlijk belang is om zo snel mogelijk tot een overeenkomst te komen. En die sluiten elkaar niet uit. Ik denk niet dat je door bepaalde stappen in het juridische proces aangeeft dat je wel of niet wilt schikken. En wij leunen daarin ook wel enigszins op de expertise van MediRisk en de advocaten.’
In dat laatste zit hem misschien ook wel het grootste probleem, want MediRisk lijkt in deze hele kwestie alleen maar uit op het beperken van haar financiële schade. Contact tussen het ziekenhuis en de familie is er sinds 2007 niet meer geweest. Brieven van de zusters Holm aan de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht worden steeds beantwoord met de mededeling dat de afhandeling van de schade in handen is van MediRisk.

Volgens Schraven betekent dat echter niet dat het ziekenhuis zich niet heeft ingespannen om tot een schikking met de familie Holm te komen. In de anderhalf jaar dat hij lid van de Raad van Bestuur is heeft hij drie maal met MediRisk en haar advocaat overlegd over de kwestie, om de grenzen van een eventuele schikking te bepalen. Volgens Paul ten Brummelhuis, advocaat van de familie Holm, hebben er in 2011 vier gesprekken plaats gevonden tussen hem en de advocaat van MediRisk, waarbij hij heeft gepoogd om tot een schikking te komen. ‘Maar uiteindelijk is dat afgeketst omdat MediRisk alleen maar wilde praten over een maximaal eindbedrag. Eerlijk gezegd heb ik er nooit iets van gemerkt dat het ziekenhuis moeite doet om tot een schikking te komen.’
De advocaten van beide partijen zijn nu opnieuw in onderhandeling over de vraag of een schikking mogelijk is en welke geschilpunten dan nog aan het gerechtshof moeten worden voorgelegd. Maar weer lijkt het er op dat MediRisk niet wil meedenken over een manier waarop de zorg- en huisvestingskosten het beste kunnen worden vergoed. De dochters Holm staat ondertussen het water aan de lippen, zowel financieel, als fysiek en emotioneel. Zij voeren al zes jaar strijd, terwijl ze tegelijkertijd de zware dagelijkse zorg voor hun moeder dragen.

Volgens het ziekenhuis is de zaak van de familie Holm een uitzondering, die zich niet zo snel meer zal herhalen. Vandaag de dag zijn er protocollen en procedures die moeten voorkomen dat er na medische fouten langlopende conflicten en juridische geschillen ontstaan. Volgens Joos Hakvoort probeert het ziekenhuis nu direct na een incident een conflict te voorkomen. ‘We nemen nu veel meer een pro-actieve houding aan en gaan samen met de mensen kijken: wat willen jullie, waarmee kunnen we jullie van dienst zijn? Want de één zoekt erkenning en de ander wenst een passende vergoeding.’
En volgens Dirk Schraven is er intensief contact met MediRisk, waarbij iedere maand alle lopende zaken worden doorgenomen om te kijken of er niet meer tempo kan worden gemaakt als dat nodig is. Ook wordt gekeken of in sommige gevallen onnodige procedurele stappen kunnen worden overgeslagen. Schraven wil daarbij nog benadrukken dat er volgens hem veel verbeterd is bij MediRisk, sinds daar twee jaar geleden een nieuwe directie is aangetreden.

Het is echter de vraag of het bij MediRisk niet bij goede plannen en voornemens blijft. Volgens directrice Van der Zwan is men met een aantal grote belangenbehartigers (letselschadespecialisten die geen advocaat zijn) en advocatenbureaus bezig tot goede werkafspraken te komen, om de processen soepeler te laten verlopen. Eén van de partijen waarmee zulke afspraken zijn gemaakt is volgens haar Beer Advocaten, het kantoor met de meeste medische aansprakelijkheidszaken van Nederland. Maar daar is men niet heel erg enthousiast. ‘Er wordt inderdaad wel overlegd met MediRisk, maar dat zijn niet altijd vreugdevolle gesprekken. MediRisk probeert werkafspraken te maken met ons, maar op een aantal essentiële punten kunnen we elkaar niet vinden’, zegt John Beer. ‘We krijgen van MediRisk ook steeds te horen dat wij een andere koers varen dan andere belangenbehartigers. Maar wij voelen er niets voor om dingen anders te doen omdat MediRisk dat wil. Het enige dat voor ons telt is het belang van onze cliënten.’ Zijn collega Marco Zwagerman, die bij de gesprekken met MediRisk is betrokken, wijst er op dat een eerder gemaakte afspraak over de vraagstelling aan medisch deskundigen onlangs door MediRisk eenzijdig van tafel is geveegd. ‘Overigens is het initiatief om werkafspraken te maken een aantal jaren geleden door ons genomen. En op een aantal punten hebben we ook goede afspraken. Maar het verbetert de samenwerking natuurlijk niet echt als een gemaakte afspraak zonder overleg wordt opgezegd.’

Dat schadeafhandeling ook echt anders en beter kan bewijst het beleid van het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht. Aanleiding voor de beleidswijziging was de
zaak van familie De Visser. Mevrouw Jenny de Visser (toen 69) wordt in 2000 aan haar baarmoeder geopereerd in het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht. Na de operatie voelt ze zich niet echt beter. Acht jaar lang houdt ze last van buikpijn, buikvlies- en blaasontstekingen en verschillende infecties. Ze heeft grote problemen met eten en ontlasten en moet in 2008 opnieuw in het ziekenhuis worden opgenomen, nu met uitdrogingsverschijnselen. Ze wordt opnieuw geopereerd en dan vinden artsen een redon drain, een plastic slangetjes dat wordt gebruikt om tijdens een operatie vocht af te voeren, in de buikholte. Dat slangetje heeft daar dus acht jaar lang gezeten.
Vanaf dat moment stellen mevrouw De Visser en haar zoons het ziekenhuis aansprakelijk voor het leed dat haar in de voorgaande jaren is overkomen. Het ziekenhuis en MediRisk stellen dat er geen causaal verband is tussen de klachten die mevrouw De Visser acht jaar lang heeft gehad, en de aanwezigheid van het slangetje in haar buikholte. Ook wordt er vanuit het ziekenhuis geen enkele poging gedaan om mevrouw De Visser en, na haar overlijden in 2010 haar zoons, excuses aan te bieden.

De Dordtse letselschade advocaat Tom Eskes, die door de familie is ingeschakeld, wordt eind 2011 hoorndol van MediRisk. Hij heeft in maart 2008 het ziekenhuis al aansprakelijk gesteld en doet dat na het overlijden van mevrouw De Visser nog twee keer. MediRisk betoogt ieder keer dat er geen aansprakelijkheid is en Eskes moet zelf maar zien te bewijzen dat het wel zo is. Hij doet al zestien jaar lang medische schadezaken en stuit keer op keer op de onwilligheid en vertragingstechnieken van de verzekeraar. ‘Op enig moment ben ik advocatuurlijk zo boos geworden dat ik dacht: als ik met MediRisk niet verder kan, dan ga ik zonder ze verder. Ik heb het hele dossier gekopieerd en naar de directie van het ziekenhuis gestuurd met de boodschap: kijk, zo gaat jullie verzekeraar met jullie patiënten om.’
Die noodkreet bleek te werken. John Taks, lid van de Raad van Bestuur van het Albert Schweitzer ziekenhuis, reageerde en nodigde de familie De Visser en advocaat Tom Eskes uit om de zaak te bespreken. Dat leidde tot een schikking, waar de familie De Visser tevreden mee was. ‘We waren blij dat we de zaak konden afsluiten’, zegt Cees de Visser. ‘Het duurde al veel te lang. We zijn er mee begonnen toen mijn moeder nog leefde. Als ze toen gewoon excuses hadden gemaakt had mijn moeder daar genoegen mee genomen, denk ik.’

Taks, sinds november 2010 bestuurder bij het ziekenhuis, met als portefeuille juridische zaken, vond het tijd voor een ander beleid ten aanzien van de omgang met medische fouten. ‘Er komen 200 duizend patiënten per jaar in ons ziekenhuis, we doen meer dan 50 duizend dagbehandelingen en we hebben 40 duizend opnames per jaar. Natuurlijk worden er dan wel eens fouten gemaakt. En dat geldt niet alleen voor ons ziekenhuis, dat geldt voor alle ziekenhuizen. In de zaak van de familie De Visser zie je dan dat zoiets al tien jaar sleept. Natuurlijk kun je dan discussieren over de vraag of er een directe relatie is tussen de klachten van die mevrouw en de fout die is gemaakt. Maar je moet je als maatschappelijke instelling ook afvragen: is het redelijk en billijk om daar zo’n langdurige procedure van te maken? Ik vind van niet.’
Toen Taks aantrad als bestuurder bleken er een aantal van zulke langslepende schadedossiers te bestaan. ‘Ik heb gezegd: we moeten al die zaken zo snel mogelijk oplossen. En we hebben besloten om voortaan op een andere manier om te gaan met fouten. Op het moment dat er iets fout gaat is dat ons verwijtbaar en is het onze verantwoordelijkheid om de zaak goed af te wikkelen, dat lijkt mij niet meer dan fatsoenlijk gedrag. Maar dat vergt ook wel een andere instelling van artsen en specialisten. Zij moeten ook het gevoel hebben dat, als zij een fout melden, wij niet direct met een bestraffend vingertje klaar staan en allerlei paniekerige maatregelen nemen. Dus wat we doen bij iedere foutmelding, is direct analyseren wat er is gebeurd, hoe dat is gekomen, wat de eventuele gevolgen kunnen zijn. En daar kan natuurlijk ook uitkomen dat het géén ernstig incident is. Is het een verwijtbare fout dan treden we in overleg met het slachtoffer en de familie en dan raad ik ze ook altijd aan om een professionele belangenbehartiger in de arm te nemen. En we blijven die zaak dan ook tot het einde volgen, we zeggen niet: laat MediRisk het maar verder oplossen.’

Tom Eskes is blij met die nieuwe wind die door het Albert Schweitzer ziekenhuis waait. ‘Na zestien jaar sta ik soms wel eens op het punt dat ik denk: ik doe die medische aansprakelijkheid niet meer. Ik heb mijn kasten vol zitten met medische dossiers van ziekenhuizen uit deze regio. Je kunt met MediRisk op geen enkele manier serieus  proberen het probleem op te lossen. Ze verzinnen iedere keer weer iets nieuws om iedereen het bos in te sturen. Ik heb in 2004 al eens aan een televisieprogramma over deze problematiek meegewerkt. En nu, acht jaar later, is er nog steeds niets veranderd en hebben we het nog steeds over dezelfde problemen. Gelukkig is er dan nu in ieder geval één ziekenhuis dat inziet dat het anders moet en anders kan.’

MediRisk laat weten zich niet te herkennen in ‘het eenzijdige beeld dat in het artikel wordt geschetst’, en distantieert zich nadrukkelijk van de gedachte ‘dat er sprake zou zijn van bewuste vertraging en trainering’.

Schadelast MediRisk
Bij MediRisk werden in 2010 1138 claims ingediend, in 2009 1259 claims. In 2010 moest in totaal 12,9 miljoen aan schadelast worden uitbetaald, in 2009 14,7 miljoen. MediRisk toont zich in haar jaarverslag 2010 blij met de ontwikkeling van minder claims en lagere schadelast. Vanuit MediRisk wordt ook steeds het belang van lagere schadelast benadrukt, want de kosten in de gezondheidzorg zijn al hoog en het gaat immers om overheidsgeld. Patiëntenorganisaties en letselschade advocaten stellen hier tegenover dat het slachtoffer van een medische fout moet vechten tegen een machtige verzekeraar, die óók met overheidsgeld wordt betaald. Namelijk uit de premies die artsen en ziekenhuizen inleggen en die dus indirect ook van de belastingbetaler en zorgverzekeraar vandaan komen.

Onderzoek
Aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam wordt momenteel onderzoek gedaan naar de mogelijkheden tot verbetering van de omgang met slachtoffers van medische fouten. Het onderzoek is een initiatief van het Fonds Slachtofferhulp Nederland en wordt ondersteund door onder ander de Consumentenbond en de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF). Het onderzoek wordt geleid door de hoogleraren gezondheidsrecht Legemaate (Universiteit van Amsterdam) en Akkermans (VU). In de begeleidingscommissie zitten onder andere ook MediRisk en CentraMed. Eind dit jaar worden de resultaten van het onderzoek bekend. De bedoeling is dat er aanbevelingen uit komen die tot verbetering van de procedures zullen leiden.
‘Het is goed dat zo’n onderzoek wordt gedaan’, zegt Nicole Velthuis, woordvoerster van de NPCF. ‘Maar we moeten niet verwachten dat dat tot een oplossing leidt.’ De NPCF had haar hoop gesteld op de nieuwe Wet Cliëntenrecht en Zorg, die door het kabinet Rutte zou worden ingediend. ‘Het leek er op dat daarin de bewijslast zou worden omgedraaid, zodat dus voortaan het ziekenhuis en de arts moeten aantonen dat ze géén fout hebben gemaakt. Dan sta je als patiënt veel sterker.’  Door de val van het kabinet Rutte is het indienen van het wetsvoorstel voorlopig uitgesteld.
—–

Bovenstaand artikel geeft een praktijkvoorbeeld van een gespecialiseerd letselschadeadvocaat. Vraag ons kantoor gerust naar andere praktijkvoorbeelden van onze letselschadeadvocaat.

T 033 2100112

Letselschadeadvocaat Mr. Maya Spetter

treinongeval letselschade

Letselschade treinongeval

Letselschade treinongeval

letselschade treinongeval

 

 

 

 

 

Op zaterdag 21 april 2012 vond in Amsterdam een treinongeval
plaats. Een intercity en een sprinter botsten frontaal op elkaar. Daarbij
raakten veel mensen gewond en viel een dode. De Onderzoeksraad voor de Veiligheid
heeft een onderzoek ingesteld.

Ruim een jaar geleden werd de minister van infrastructuur en
milieu gewaarschuwd voor ongelukken door verouderde seinen. De Onderzoeksraad
voor Veiligheid adviseerde de minister toen alle seinen te moderniseren, maar
de minister heeft dat advies niet opgevolgd. In 2010 werd 172 keer door rood
gereden en in de afgelopen tien jaar hebben zich meer dan 30 treinbotsingen
voorgedaan. Alle seinen op het spoor zijn beveiligd met Automatische
Treinbeïnvloeding waardoor de trein bij rood automatisch afremt als de
machinist dat zelf niet doet. Dit systeem werkt echter niet als de trein
langzamer rijdt dan 40 km per uur. Dit euvel zou met het nieuwe systeem worden
verholpen. Dat is echter bij nog geen kwart van de huidige seinen ingevoerd.

Op 26 april 2012 heeft Prorail bekend gemaakt versneld te willen komen tot invoering van het nieuwe Europese veiligheidssysteem ERTMS. Voor de treinbotsing was Prorail van plan nog eens 300 seinen uit te rusten met het beveiligingsysteem ATB-vv. Dit systeem zet treinen die een rood sein negeren, ongeacht de snelheid van de trein, automatisch stil.

NS heeft bekend gemaakt dat slachtoffers van het
treinongeval schadeloos zullen worden gesteld. De slachtoffers kunnen daarbij
hulp inroepen van een letselschadeadvocaat. De aansprakelijkheid van de NS is
beperkt tot een maximum van ongeveer € 205.000,00 per passagier. Deze limiet
geldt niet als er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid.  Het is nog te vroeg om te beoordelen of daarvan sprake is.

De behandeling van letselschade treinongeval, vooral als sprake
is van ernstig en/of blijvend letsel, is gecompliceerd en vereist specifieke
juridische kennis en ervaring. Spetter advocaat & mediator stond in 2006
slachtoffers van het treinongeval te Amersfoort bij. Slachtoffers van
letselschade treinongeval hebben recht op vergoeding van de kosten van advies door een
advocaat.

U kunt altijd vrijblijvend contact met ons opnemen om u te laten
adviseren.

Zelf rechtshulpverlener kiezen

Iemand met een rechtsbijstandverzekering mag zelf zijn rechtshulpverlener kiezen. Dat bepaalt hij en niet zijn verzekeraar

Dat recht geldt in alle procedures. Ook in procedures zonder verplichte procesvertegenwoordiging. Vaak bepalen rechtsbijstand verzekeraars dat de rechtshulp door bepaalde advocaten of rechtshulpverleners moet worden verleend. Daar hebben zij afspraken mee gemaakt over de kosten. De Rechtbank in Amsterdam heeft nu in een zaak tegen DAS bepaald dat dit niet mag. Dat betekent dat u bij elke procedure meteen uw letselschadeadvocaat mag kiezen.